FOUILLE LICHAAM - MOTIVERING
Ingevolge artikel 108 §2, tweede lid in samenhang gelezen met artikel 8 van de Basiswet dient de directie in de beslissing tot fouillering op het lichaam ook te motiveren waarom een onderzoek aan de kledij niet volstaat om na te gaan of de gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn. Dit principe werd reeds bevestigd door de Beroepscommissie bij de Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen (CA 22 februari 2021, 21-0014, 7) en blijkt ook duidelijk uit de formulering van het door de directie in te vullen sjabloon (bijlage bij collectieve brief nr. 141). De bestreden beslissing bevat geen motieven die aangeven waarom een onderzoek aan de kledij niet volstaat. De klacht is gegrond.
Ingevolge artikel 108 §2, tweede lid in samenhang gelezen met artikel 8 van de Basiswet dient de directie in de beslissing tot fouillering op het lichaam ook te motiveren waarom een onderzoek aan de kledij niet volstaat om na te gaan of de gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn. Dit principe werd reeds bevestigd door de Beroepscommissie bij de Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen (CA 22 februari 2021, 21-0014, 7) en blijkt ook duidelijk uit de formulering van het door de directie in te vullen sjabloon (bijlage bij collectieve brief nr. 141). De bestreden beslissing bevat geen motieven die aangeven waarom een onderzoek aan de kledij niet volstaat. De klacht is gegrond.