Ga verder naar de inhoud

KC06/24-0304

Fondée KC - Dendermonde Commission des plaintes Autre décision directeur
UITVOERING - WANDELING - PROPORTIONALITEIT

De klacht is tweevoudig en betreft:
- de strikte beweging in het kader van klagers IBVR
- niet-mogen wandelen.

Uit het dossier blijkt dat de strikte beweging niet rechtstreeks door de directeur-generaal werd opgelegd. Het IBVR van klager schrijft immers enkel voor dat “contacten met medegedetineerden maximaal beperkt dienen te worden, zodat vermeden kan worden dat (verder) bezwarende contacten kunnen worden gelegd.” Het IBVR liet dus enige beoordelingsmarge aan de lokale gevangenisdirectie in het realiseren van dit doel. Niet alleen kreeg de gevangenisdirectie deze beoordelingsbevoegdheid van DG EPI, zij maakte hiervan in de praktijk ook gebruik van door te beslissen om klager onder strikte beweging te plaatsen. De klacht heeft met andere woorden
duidelijk betrekking op een beslissing van de directie van de gevangenis van Dendermonde-Nieuwdie ten aanzien van klager werd genomen. De klacht werd daarnaast ook tijdig ingediend en voldoende gemotiveerd. De klacht is ontvankelijk.

De klachtencommissie meent dat de beslissing van de directie tot strikte beweging in strijd is met het principe van proportionaliteit. Deze maatregel gaat namelijk
verder dan noodzakelijk is voor het opgelegde doel, i.e. het maximaal beperken van klagers contacten met medegedetineerden. Dit doel kan evenzeer bereikt worden door minder verregaande maatregelen, zoals het voorzien van begeleiding voor klager telkens hij een beweging uitvoert. Dit wordt bovendien bevestigd door de praktijk: uit de zitting van de klachtencommissie blijkt immers dat gedurende klagers eerste maanden in de gevangenis van Dendermonde hij begeleid werd door twee beambten.

Bovendien veroorzaakt de beslissing tot strikte beweging een vermijdbaar lijden bij klager. De beslissing verhindert namelijk dat klager gebruik kan maken van zijn door het IBVR opgelegde recht om driemaal per week te wandelen op de grote wandeling. De directie geeft dit ter zitting ook toe. Zij legt uit dat de strikte beweging een dermate grote impact heeft op de werking van de gevangenis, dat dit recht niet steeds gegarandeerd kan worden.

Doordat klager verhinderd wordt te wandelen op de grote wandeling, in samenhang genomen met het feit dat hij voor het overige wordt geïsoleerd van zijn medegedetineerden, schendt de gevangenisdirectie dit principe.De klacht is dan ook gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing van de directie waarbij
klager onder strikte beweging wordt geplaatst.