Ga verder naar de inhoud

KC02/21-0092

Fondée KC - Antwerpen Commission des plaintes Mesure provisoire Mesure de sécurité particulière
BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - VOORLOPIGE MAATREGEL - GEÏNTERNEERDE - HOORPLICHT - BIJSTAND ADVOCAAT

De directie lijkt zich in de VM te baseren op situatie uit artikel 145 §1, eerste lid Basiswet, gezien zij zich beroept op de ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid. Vervolgens legt zij een maatregel op uit artikel 145 §1, tweede lid Basiswet. Uit de motivering van de voorlopige maatregel blijkt onvoldoende waarom het gedrag van klager, dat in meldingsverslagen wordt beschreven waarover de Klachtencommissie in het dossier niet beschikt, een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid uitmaakt. De voorlopige maatregel voldoet niet aan de wettelijke voorschriften en dient vernietigd te worden.

Omtrent de BVM concludeert de Klachtencommissie, gelet op de specifieke kwetsbaarheid van geïnterneerde personen, de bijstand van een advocaat van essentieel belang is in procedures die kunnen leiden tot bijzondere veiligheidsmaatregelen, gezien deze maatregelen ten minste even restrictief (kunnen) zijn als de meeste tuchtrechtelijke sancties, en die de basisrechten van de betrokken personen tevens ernstig kunnen beperken. Gezien deze bijstand niet aan klager is toegekend, heeft klager zijn rechten van verdediging niet ten volle kunnen uitoefenen en werd zijn recht op verdediging geschonden.