KC34/26-0011
Irrecevable
KC - Hoogstraten
Commission des plaintes
Disciplinaire
TUCHT - TERMIJN
De klacht gaat over een tuchtbeslissing van 30/04/2026 van de directie van de gevangenis van Hoogstraten.
Een gedetineerde kan bij de klachtencommissie klacht indienen tegen elke beslissing die door of namens de gevangenisdirecteur ten aanzien van hem werd genomen. De klacht moet uiterlijk worden ingediend op de zevende dag na die waarop de gedetineerde kennis heeft gekregen van de beslissing waarover hij zich wenst te beklagen.
Klager heeft een klacht ingediend op 13/05/2026 tegen een tuchtbeslissing van 30/04/2026. Op basis van de schriftelijke beslissing over de tuchtbeslissing stelt de klachtencommissie vast dat de directeur deze beslissing nam op 30/04/2026 en dat klager op diezelfde dag kennis kreeg van deze beslissing. Op de beslissing staat duidelijk vermeld dat klager tegen de beslissing klacht kon indienen bij de klachtencommissie binnen een termijn van zeven dagen. De klacht werd bijgevolg laattijdig ingediend.
De klachtencommissie meent dat klager in zijn klacht ook geen redenen heeft vermeld om aan te nemen dat hij zijn klacht, rekening houdend met alle omstandigheden, zo spoedig mogelijk heeft ingediend als redelijkerwijs van hem verlangd kon worden. Deze klacht is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
De klacht gaat over een tuchtbeslissing van 30/04/2026 van de directie van de gevangenis van Hoogstraten.
Een gedetineerde kan bij de klachtencommissie klacht indienen tegen elke beslissing die door of namens de gevangenisdirecteur ten aanzien van hem werd genomen. De klacht moet uiterlijk worden ingediend op de zevende dag na die waarop de gedetineerde kennis heeft gekregen van de beslissing waarover hij zich wenst te beklagen.
Klager heeft een klacht ingediend op 13/05/2026 tegen een tuchtbeslissing van 30/04/2026. Op basis van de schriftelijke beslissing over de tuchtbeslissing stelt de klachtencommissie vast dat de directeur deze beslissing nam op 30/04/2026 en dat klager op diezelfde dag kennis kreeg van deze beslissing. Op de beslissing staat duidelijk vermeld dat klager tegen de beslissing klacht kon indienen bij de klachtencommissie binnen een termijn van zeven dagen. De klacht werd bijgevolg laattijdig ingediend.
De klachtencommissie meent dat klager in zijn klacht ook geen redenen heeft vermeld om aan te nemen dat hij zijn klacht, rekening houdend met alle omstandigheden, zo spoedig mogelijk heeft ingediend als redelijkerwijs van hem verlangd kon worden. Deze klacht is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.