Ga verder naar de inhoud

KC34/26-0006

Non fondée KC - Hoogstraten Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT

De klacht gaat over twee tuchtbeslissingen van 02 en 09/03/2026 van de directie van de gevangenis van Hoogstraten.

Over de tuchtbeslissing van 02/03/2026: de directie heeft een tuchtsanctie van 3 dagen ATV opgelegd voor de inbreuk van de eerste categorie “de opzettelijke beschadiging of vernieling van andermans roerende of onroerende goederen, of de bedreiging daarmee”.

De klachtencommissie acht het niet onredelijk dat de feiten beschreven in het rapport aan de directeur (RAD) als voormelde inbreuk werden gekwalificeerd. De klachtencommissie acht voormelde kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd. Uit het RAD volgt dat klager zelf aan een beambte heeft toegegeven dat hij het gordijn uit de muur getrokken heeft.

De klachtencommissie stelt vast dat de tuchtprocedure door de directie correct gevolgd werd. De feiten vormen een tuchtrechtelijke inbreuk van de eerste categorie, die kunnen worden gestraft met een maximum van 30 dagen ATV. De klachtencommissie stelt vast dat de directie rekening heeft gehouden met de omvang van de feiten en geen onredelijk zware straf van 3 dagen ATV heeft opgelegd. De klacht is bijgevolg ongegrond.

Over de tuchtbeslissing van 09/03/2026: de directie heeft een tuchtsanctie van 5 dagen ATV opgelegd voor de inbreuk van de eerste categorie “de opzettelijke aantasting van de orde”.

De klachtencommissie stelt vast dat de tuchtprocedure door de directie correct gevolgd werd. De feiten vormen een tuchtrechtelijke inbreuk van de eerste categorie, die kunnen worden gestraft met een maximum van 30 dagen ATV. De klachtencommissie stelt vast dat de directie rekening heeft gehouden met de omvang van de feiten en geen onredelijk zware straf van 5 dagen ATV heeft opgelegd. De klacht is bijgevolg ongegrond.