Ga verder naar de inhoud

KC34/24-0021

Fondée Irrecevable KC - Hoogstraten Commission des plaintes Disciplinaire Pas de décision du directeur
(1) GEEN BESLISSING DIRECTEUR – BEVOEGDHEID – EXTERNE RECHTSPOSITIE (2) TUCHT – BEZOEK

Klager schrijft in zijn eerste klacht dat hij gestraft werd omdat hij een pakje sigaretten kreeg van zijn bezoekers. Hij verklaart dat hij niet wist dat dit verboden was. Bovendien legt hij uit dat hij het pakje niet heeft verstopt, maar ostentatief heeft getoond. In zijn tweede klacht legt klager uit dat hij zijn aanvraag voor PV indiende. Blijkbaar zou zijn PV niet zijn opgenomen in het systeem.

(1) Wat betreft de klacht m.b.t. het toekennen van PV

Een klacht die handelt over de schorsing of het toekennen van PV, handelt over de ‘externe rechtspositie’ van de gedetineerde en valt daardoor buiten de bevoegdheid van de klachtencommissie.

De klacht is om deze redenen niet-ontvankelijk.

(2) Wat betreft de klacht m.b.t. de tuchtbeslissing

Klager is het oneens met de tuchtbeslissing waarbij hem een tuchtsanctie van ontzegging/beperking van bezoek werd opgelegd van 15 dagen van de meerderjarige bezoekers (zijn moeder en zijn partner) die aanwezig waren tijdens het bezoek.
De klachtencommissie merkt op dat de directie haar beslissing niet verder motiveert. Zij geeft niet aan welke voorgeschreven bepalingen uit het huishoudelijk reglement niet nageleefd werden. Zij motiveert in haar tuchtbeslissing ook niet waarom de regels voor het bezoek die bepaald zijn in artikel 60 van de Basiswet ontoereikend zijn om het ‘gevaar’ af te wenden. De directie motiveert haar beslissing achteraf wat concreter in haar schriftelijk verweer. Met deze a posteriori motivering kan de klachtencommissie geen rekening houden: de reden die op het tijdstip waarop de beslissing was genomen, was opgegeven, moet geacht worden het motief te zijn waarop de beslissing werkelijk gegrond is. Op achteraf opgegeven motieven kan geen acht worden geslagen omdat het niet bewezen is dat ze meegespeeld hebben bij de besluitvorming en dat ze werkelijk ten grondslag van de bestreden beslissing hebben gelegen.

De klachtencommissie begrijpt dat het in de gevangenis van Hoogstraten omwille van organisatorische redenen niet mogelijk is om tafelbezoek te regelen, doch dient de directie haar tuchtbeslissing correct te motiveren. De ontzegging voldoet niet aan de vereisten van artikel 59, §1 en §3 van de Basiswet. Bovendien werd er in de tuchtbeslissing bij bijzondere tuchtsancties het vakje “ontzegging/beperking (te bepalen) van bezoek moet volgende bezoekers (niet-familieleden)” … aangekruist. In casu werd echter een ontzegging opgelegd op familieleden van klager.

De klacht van is om deze redenen gegrond.