Ga verder naar de inhoud

KC33/26-0010

Fondée KC - Wortel Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - KWALIFICATIE INBREUK - SANCTIE

Klager dient klacht in tegen een tuchtbeslissing. De klachtencommissie stelt vast dat er in de tabel van de tuchtbeslissing géén inbreuk werd aangekruist. Boven de tabel werd wel aangekruist dat het een inbreuk van de tweede categorie betreft. Ook op basis van de rest van de motivering is het niet geheel duidelijk voor welke tuchtinbreuk men klager heeft willen sanctioneren, nu dit ook niet woordelijk wordt hernomen in de motivering. Volgens de klachtencommissie doet het gebrek aan aankruising dan ook afbreuk aan het goed begrip van de beslissing.

Het horen van de beambte gebeurde in afwezigheid van klager, zonder dat hij hierbij de kans had om tegenspraak te voeren over de gegevens die van essentieel belang zijn gebleken voor de beoordeling van de tenlastelegging en de geloofwaardigheid van zijn verweer. De klachtencommissie denkt dan met name aan de tien minuten extra tijd die men klager op het moment van de verwittiging blijkbaar al had gegund. Dit bleek niet duidelijk uit het RAD. De klachtencommissie oordeelt dat er op dit punt sprake is van een schending van de rechten van verdediging.

Klager kreeg de bijzondere tuchtsanctie van de ontzegging of beperking van de omgang met bezoekers van buiten de gevangenis, nl. één maand geen ongestoord bezoek (artikel 133, 3° Basiswet) opgelegd. Het is onduidelijk voor welke inbreuk klager gesanctioneerd werd. Boven de tabel werd enkel aangekruist dat het zou gaan om een inbreuk van de tweede categorie. In geval van een inbreuk van de tweede categorie mag een bijzondere tuchtsanctie slechts voor een maximumduur van 15 dagen worden opgelegd (artikel 133 Basiswet). In het voorliggend dossier werd de sanctie gedurende 30 dagen opgelegd, hetgeen enkel mogelijk zou zijn voor een inbreuk van de eerste categorie.

Om deze redenen acht de klachtencommissie de klacht gegrond. De bestreden beslissing wordt vernietigd. De nog lopende tuchtsanctie dient onmiddellijk te worden stopgezet. Bij vernietiging van de beslissing worden de gevolgen van de vernietigde beslissing, voor zover mogelijk, door de directeur ongedaan gemaakt (artikel 158, §4, tweede lid Basiswet). De klachtencommissie meent dat klager op basis hiervan deze maand nog steeds recht heeft op twee ongestoorde bezoeken.