KC33/24-0052
Fondée
Compensation
KC - Wortel
Commission des plaintes
Mesure provisoire
VOORLOPIGE MAATREGEL - TEGEMOETKOMING
De klacht is gericht tegen de voorlopige maatregel, opgelegd door de directie van de gevangenis.
De directeur gaf de opdracht om klager op voorlopige maatregel te plaatsen omwille van de ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid. Volgens de motivering van de beslissing was klager slachtoffer van fysieke agressie geworden na een scheldpartij met een
medegedetineerde. Zowel uit de motivering van de voorlopige maatregel, het verweer van de directie en de klacht van klager, blijkt dat klager in deze het slachtoffer was van geweld. Hijzelf had dus de interne veiligheid niet opzettelijk aangetast, wel de medegedetineerde.
De klachtencommissie is van oordeel dat de toepassingsvoorwaarden om de voorlopige maatregel te kunnen opleggen, niet vervuld waren.
De klachtencommissie meent ook dat in casu niet is aangetoond waarom het noodzakelijk was dat klager ook onder voorlopige maatregel werd geplaatst, terwijl de agressor al verbleef in de beveiligde cel. Indien men schrik had voor de veiligheid van klager, had men een bijzondere
veiligheidsmaatregel kunnen opleggen in plaats van een voorlopige maatregel die tenslotte in het kader van een tuchtprocedure wordt opgelegd. De klachtencommissie besluit dat de voorlopige maatregel werd opgelegd in strijd met de Basiswet.
Om deze reden is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de voorlopige maatregel.
Gelet op de opmerkingen van de directie, kent de klachtencommissie als tegemoetkoming voor de onwettige voorlopige maatregel van één dag in de eigen cel, vijf minuten belkrediet toe.
De klacht is gericht tegen de voorlopige maatregel, opgelegd door de directie van de gevangenis.
De directeur gaf de opdracht om klager op voorlopige maatregel te plaatsen omwille van de ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid. Volgens de motivering van de beslissing was klager slachtoffer van fysieke agressie geworden na een scheldpartij met een
medegedetineerde. Zowel uit de motivering van de voorlopige maatregel, het verweer van de directie en de klacht van klager, blijkt dat klager in deze het slachtoffer was van geweld. Hijzelf had dus de interne veiligheid niet opzettelijk aangetast, wel de medegedetineerde.
De klachtencommissie is van oordeel dat de toepassingsvoorwaarden om de voorlopige maatregel te kunnen opleggen, niet vervuld waren.
De klachtencommissie meent ook dat in casu niet is aangetoond waarom het noodzakelijk was dat klager ook onder voorlopige maatregel werd geplaatst, terwijl de agressor al verbleef in de beveiligde cel. Indien men schrik had voor de veiligheid van klager, had men een bijzondere
veiligheidsmaatregel kunnen opleggen in plaats van een voorlopige maatregel die tenslotte in het kader van een tuchtprocedure wordt opgelegd. De klachtencommissie besluit dat de voorlopige maatregel werd opgelegd in strijd met de Basiswet.
Om deze reden is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de voorlopige maatregel.
Gelet op de opmerkingen van de directie, kent de klachtencommissie als tegemoetkoming voor de onwettige voorlopige maatregel van één dag in de eigen cel, vijf minuten belkrediet toe.