Ga verder naar de inhoud

KC32/26-0050

Non fondée Irrecevable KC - Turnhout Commission des plaintes Mesure provisoire Mesure de sécurité particulière
VOORLOPIGE MAATREGEL - BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - MOTIVERING

Klager heeft een klacht ingediend tegen een voorlopige maatregel en een BVM van 25.02.2026. Hij is niet akkoord met die beslissingen omdat de maatregel steeds verlengd wordt terwijl hij zich aan alle afspraken houdt en rustig blijft. Uit de dossierstukken blijkt dat er op 25.02.2026 geen voorlopige maatregel werd opgelegd. Bij gebreke aan een beslissing van de directie, besluit de klachtencommissie dat de klacht tegen de voorlopige maatregel niet-ontvankelijk is. Uit de dossierstukken blijkt dat de directie op 25.02.2026 beslist heeft om de BVM die initieel opgelegd werd op 19.02.2026, te verlengen tot 04.03.2026. Het opleggen van een BVM is geregeld in de artikelen 110-115 van de Basiswet. De directeur kan bijzondere veiligheidsmaatregelen bevelen wanneer er ernstige aanwijzingen bestaan van een gevaar voor de orde of de veiligheid. De maatregelen kunnen verlengd worden, mits een gemotiveerde beslissing van de directeur en nadat de gedetineerde opnieuw werd gehoord. Een BVM kan maximaal driemaal verlengd worden. De verlenging van de BVM vereist dat er nog steeds sprake is van ernstige aanwijzingen van een gevaar voor de orde of de veiligheid.

Uit de dossierstukken blijkt dat er een meldingsverslag werd opgemaakt door een beambte naar aanleiding van een verontrustende melding van een psychiatrisch verpleegkundige in verband met klager. Klager zou uit frustratie zijn gitaar hebben kapotgeslagen en gezegd hebben dat hij zich zou verhangen aan de snaren van de gitaar. Op vraag van de verpleegkundige had klager de kapotte gitaar afgegeven maar de bezorgdheid over de suïcidale gedachten van klager verbleven. Uit het verslag blijkt dat klager akkoord ging met het voorstel van een geleidelijke overgang naar een genormaliseerd regime. Dit betekende dat de directie de BVM in overleg met de psychiater zou verlengen, mits het doorvoeren van enkele versoepelingen. De BVM werd verlengd van 26.02.2026 tot en met 04.03.2026 en liet de mogelijkheid aan de directie om toch toelating te verlenen tot deelname aan bepaalde gemeenschappelijke activiteiten en de overplaatsing naar een verblijf in een vandaalbestendige cel of reguliere monocel indien de gemoedstoestand van klager zou verbeteren. De klachtencommissie is van oordeel dat de individuele aanwijzingen van een gevaar voor de fysieke integriteit van, in de eerste plaats klager, maar ook van het personeel voldoende is aangetoond en dat de verlenging van de BVM gerechtvaardigd was. Om deze reden is de klacht ongegrond.