KC32/24-0094
Non fondée
Irrecevable
KC - Turnhout
Commission des plaintes
Autre décision directeur
Pas de décision du directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - KLACHTENPROCEDURE - VRIJE TIJD - KANTINE - KLEDIJ
Klager beklaagt zich opnieuw over een verzuim om gevolg te geven aan een aanvraag passieve openbaarheid van bestuur. De klachtencommissie meent dat deze klacht hetzelfde voorwerp heeft als zijn klacht in KC32/24-0080, maar dan enkele dagen later ingediend (en vergezeld van rapportbriefjes die eigenlijk al deels bij die vorige klacht hoorden). De klachtencommissie stelde in KC32/24-0080 al vast dat de officiële aanvraag van klager pas op 21 maart 2024 bij de griffie toekwam. Op het ogenblik van indiening van zijn nieuwe klacht was de (correcte) aanvraag nog altijd maar een tweetal weken oud. Volgens de klachtencommissie kan er dan ook niet besloten worden tot een verzuim in hoofde van de directie. De klacht is niet-ontvankelijk.
Klager beklaagt zich (opnieuw) over zijn riem. De klacht heeft hetzelfde voorwerp als de klacht van klager in KC32/24-0084. De klachtencommissie verwijst naar haar beslissing in dat dossier (titel 3.3). De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet (opnieuw) beoordelen.
Klager beklaagt zich (opnieuw) over de weigering van aankoop van een Playstation via de buitenkantine. De klacht heeft hetzelfde voorwerp als de klacht van klager in KC32/24-0084. Gelet op de datum van het in het voorliggend dossier bijgevoegd rapportbriefje (27 maart 2024) en de datum van de klacht in dat vorig dossier (27 maart 2024) meent de klachtencommissie dat het rapportbriefje eigenlijk al bij die klacht hoorde en dat de beslissing die klager nu overmaakte aldus de beslissing is waar de klachtencommissie zich in KC32/24-0084 al over uitsprak. De klachtencommissie verwijst dan ook naar haar beslissing in dat dossier (titel 3.1). De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet (opnieuw) beoordelen.
Klager beklaagt zich over de weigering om 2 extra hemden, 2 extra broeken en 2 extra paar schoenen op cel te mogen hebben, met als reden ‘om niet onnozel voor te komen’. De directie weigerde dit, omwille van het feit dat klager onvoldoende redenen gaf om een uitzondering op de algemene regel toe te staan. Ook de klachtencommissie vindt de door klager verstrekte reden ontoereikend en meent dat de weigeringsbeslissing dan ook wettelijk en redelijk was. De klacht is ongegrond.
Klager beklaagt zich opnieuw over een verzuim om gevolg te geven aan een aanvraag passieve openbaarheid van bestuur. De klachtencommissie meent dat deze klacht hetzelfde voorwerp heeft als zijn klacht in KC32/24-0080, maar dan enkele dagen later ingediend (en vergezeld van rapportbriefjes die eigenlijk al deels bij die vorige klacht hoorden). De klachtencommissie stelde in KC32/24-0080 al vast dat de officiële aanvraag van klager pas op 21 maart 2024 bij de griffie toekwam. Op het ogenblik van indiening van zijn nieuwe klacht was de (correcte) aanvraag nog altijd maar een tweetal weken oud. Volgens de klachtencommissie kan er dan ook niet besloten worden tot een verzuim in hoofde van de directie. De klacht is niet-ontvankelijk.
Klager beklaagt zich (opnieuw) over zijn riem. De klacht heeft hetzelfde voorwerp als de klacht van klager in KC32/24-0084. De klachtencommissie verwijst naar haar beslissing in dat dossier (titel 3.3). De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet (opnieuw) beoordelen.
Klager beklaagt zich (opnieuw) over de weigering van aankoop van een Playstation via de buitenkantine. De klacht heeft hetzelfde voorwerp als de klacht van klager in KC32/24-0084. Gelet op de datum van het in het voorliggend dossier bijgevoegd rapportbriefje (27 maart 2024) en de datum van de klacht in dat vorig dossier (27 maart 2024) meent de klachtencommissie dat het rapportbriefje eigenlijk al bij die klacht hoorde en dat de beslissing die klager nu overmaakte aldus de beslissing is waar de klachtencommissie zich in KC32/24-0084 al over uitsprak. De klachtencommissie verwijst dan ook naar haar beslissing in dat dossier (titel 3.1). De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet (opnieuw) beoordelen.
Klager beklaagt zich over de weigering om 2 extra hemden, 2 extra broeken en 2 extra paar schoenen op cel te mogen hebben, met als reden ‘om niet onnozel voor te komen’. De directie weigerde dit, omwille van het feit dat klager onvoldoende redenen gaf om een uitzondering op de algemene regel toe te staan. Ook de klachtencommissie vindt de door klager verstrekte reden ontoereikend en meent dat de weigeringsbeslissing dan ook wettelijk en redelijk was. De klacht is ongegrond.