KC32/23-0234
Non fondée
KC - Turnhout
Commission des plaintes
Mesure de sécurité particulière
BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - MOTIVERING
De directie verwijst in haar motivering naar de door klager onophoudelijk veroorzaakte geluidsoverlast die leidt tot frustraties bij de medebewoners van zijn vleugel en zorgt voor verstoring van de orde en de rust in de inrichting. De directie beschouwt dit als een ernstige aanwijzing van zowel een gevaar voor de orde als de veiligheid. De klachtencommissie acht deze inschatting correct en afdoende gemotiveerd.
De opgelegde maatregelen (ontnemen of onthouden van (scherpe) voorwerpen, uitsluiten van activiteiten, onderbrenging in een veiligheidscel) worden alle drie afzonderlijk gemotiveerd. Hierbij wordt op afdoende wijze de noodzaak van elke opgelegde veiligheidsmaatregel toegelicht. De klachtencommissie stelt vast dat er voor de uitsluiting van de deelname aan activiteiten een mogelijke ‘mildering’ in het vooruitzicht wordt gesteld. De klachtencommissie wijst erop dat dergelijke aanvulling in principe overbodig is, nu de bijzondere veiligheidsmaatregel altijd maar voor de daartoe strikt noodzakelijke tijd mag worden opgelegd (artikel 112 Basiswet).
De motivering van de bijzondere veiligheidsmaatregel voldoet aan de vereisten van artikel 8 j° artikel 110 Basiswet. De klachtencommissie acht de bijzondere veiligheidsmaatregel wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.
De directie verwijst in haar motivering naar de door klager onophoudelijk veroorzaakte geluidsoverlast die leidt tot frustraties bij de medebewoners van zijn vleugel en zorgt voor verstoring van de orde en de rust in de inrichting. De directie beschouwt dit als een ernstige aanwijzing van zowel een gevaar voor de orde als de veiligheid. De klachtencommissie acht deze inschatting correct en afdoende gemotiveerd.
De opgelegde maatregelen (ontnemen of onthouden van (scherpe) voorwerpen, uitsluiten van activiteiten, onderbrenging in een veiligheidscel) worden alle drie afzonderlijk gemotiveerd. Hierbij wordt op afdoende wijze de noodzaak van elke opgelegde veiligheidsmaatregel toegelicht. De klachtencommissie stelt vast dat er voor de uitsluiting van de deelname aan activiteiten een mogelijke ‘mildering’ in het vooruitzicht wordt gesteld. De klachtencommissie wijst erop dat dergelijke aanvulling in principe overbodig is, nu de bijzondere veiligheidsmaatregel altijd maar voor de daartoe strikt noodzakelijke tijd mag worden opgelegd (artikel 112 Basiswet).
De motivering van de bijzondere veiligheidsmaatregel voldoet aan de vereisten van artikel 8 j° artikel 110 Basiswet. De klachtencommissie acht de bijzondere veiligheidsmaatregel wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.