KC32/21-0109
Non fondée
KC - Turnhout
Commission des plaintes
Disciplinaire
Mesure d'ordre
TUCHT - ORDEMAATREGEL - ARBEID - ONTSLAG
In casu heeft de directeur zich voor het bewezen zijn van de ten laste gelegde tuchtrechtelijke inbreuken gebaseerd op de informatie die ze van een derde kreeg omtrent het vermoedelijke dealen, de materiële vaststellingen zoals beschreven in het RAD van 12 december 2021, alsook de informatie die ze bij de medische dienst ingewonnen heeft over de aangetroffen pillen. De directeur kon er volgens de Klachtencommissie redelijkerwijs vanuit gaan dat de feiten gekwalificeerd konden worden als een inbreuk zoals bepaald in artikel 129, 7° van de Basiswet, die aan klager konden worden toegerekend. De motivering is voldoende duidelijk en voldoet aan de vereisten van artikel 8 van de Basiswet. Gelet op de ernst van de inbreuk acht de Klachtencommissie de sanctie van 30 dagen ATV redelijk. De klacht is ongegrond.
De Klachtencommissie acht het niet onredelijk dat de directie op basis van de aangehaalde elementen is overgegaan tot het ontslag van klager. De Klachtencommissie acht de vorm waarin de ontslagbeslissing werd opgesteld enigszins problematisch omwille van het feit dat de motivering deels wordt verstrekt door een personeelslid, hetgeen de indruk wekt dat het een personeelslid is dat de ontslagbeslissing neemt, waarbij de directie ze louter bekrachtigt. Aangezien de directie echter de essentie van deze motivering hernam in haar eigen luik van de beslissing, is dit onvoldoende om in casu te besluiten tot vernietiging van de beslissing. De motivering van de ordemaatregel is volgens de Klachtencommissie dan ook in overeenstemming met artikel 8 van de Basiswet. De motivering is voldoende duidelijk en stelt betrokkene in staat om de reden van het ontslag te begrijpen. De klacht is ongegrond
In casu heeft de directeur zich voor het bewezen zijn van de ten laste gelegde tuchtrechtelijke inbreuken gebaseerd op de informatie die ze van een derde kreeg omtrent het vermoedelijke dealen, de materiële vaststellingen zoals beschreven in het RAD van 12 december 2021, alsook de informatie die ze bij de medische dienst ingewonnen heeft over de aangetroffen pillen. De directeur kon er volgens de Klachtencommissie redelijkerwijs vanuit gaan dat de feiten gekwalificeerd konden worden als een inbreuk zoals bepaald in artikel 129, 7° van de Basiswet, die aan klager konden worden toegerekend. De motivering is voldoende duidelijk en voldoet aan de vereisten van artikel 8 van de Basiswet. Gelet op de ernst van de inbreuk acht de Klachtencommissie de sanctie van 30 dagen ATV redelijk. De klacht is ongegrond.
De Klachtencommissie acht het niet onredelijk dat de directie op basis van de aangehaalde elementen is overgegaan tot het ontslag van klager. De Klachtencommissie acht de vorm waarin de ontslagbeslissing werd opgesteld enigszins problematisch omwille van het feit dat de motivering deels wordt verstrekt door een personeelslid, hetgeen de indruk wekt dat het een personeelslid is dat de ontslagbeslissing neemt, waarbij de directie ze louter bekrachtigt. Aangezien de directie echter de essentie van deze motivering hernam in haar eigen luik van de beslissing, is dit onvoldoende om in casu te besluiten tot vernietiging van de beslissing. De motivering van de ordemaatregel is volgens de Klachtencommissie dan ook in overeenstemming met artikel 8 van de Basiswet. De motivering is voldoende duidelijk en stelt betrokkene in staat om de reden van het ontslag te begrijpen. De klacht is ongegrond