Ga verder naar de inhoud

KC21/26-0068

Non fondée KC - Merksplas Commission des plaintes Fouille à corps
FOUILLE LICHAAM

Klager dient een klacht in tegen de fouillering op zijn lichaam.

De klachtencommissie is vooreerst van oordeel dat uit de motivering van de fouillering op het lichaam en uit het meldingsverslag duidelijk blijkt wat de individuele aanwijzingen zijn om te vermoeden dat een gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn. Er werd immers een sterke drugsgeur vastgesteld tijdens het kamerbezoekmoment aan de cel van klager. Dit werd eveneens gemeld door andere gedetineerden. De klachtencommissie is dan ook van oordeel dat er wel sprake is van een bijzondere individuele motivatie van de beslissing tot fouillering op het lichaam van klager, in tegenstelling tot wat in de klacht gesteld wordt. Ook blijkt uit het meldingsverslag wel waar de drugsgeur vandaan kwam en door wie deze werd opgemerkt.

De klachtencommissie is daarnaast van oordeel dat de directie voldoende specifiek heeft uitgelegd waarom een onderzoek aan de kledij of de metaaldetectieportiek niet kan volstaan om deze voorwerpen of substanties effectief te vinden. Er werd wel degelijk voldaan aan de voorwaarde dat de naaktfouillering als ultimum remedium dient. De klacht is om deze reden niet gegrond.