KC21/26-0002
Irrecevable
KC - Merksplas
Commission des plaintes
Pas de décision du directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - PERSONEEL
Klager beklaagt zich over de aangepaste dienstregeling tijdens de feestdagen die voor alle gedetineerden geldt (en het verzuim van de directie om hem daarvan in kennis te stellen). Zijn klacht betreft dan ook een algemene regel. De klachtencommissie concludeert dat de regeling niet in strijd is met een hogere rechtsnorm. De rechten van de gedetineerden werden ook tijdens de feestdagen gevrijwaard, al was dit op een ander tijdstip dan men gewoon was. Klager kaart in zijn klacht aan dat hij niet op voorhand op de hoogte werd gesteld van de aangepaste dienstregeling. Volgens de klachtencommissie betreft dit een klacht over een mogelijk verzuim. De directie stelt dat de dienstregeling op papier werd uitgedeeld aan elke kamer op klager zijn afdeling. De klachtencommissie ziet geen reden om hier aan te twijfelen. Bovendien was dit regime ook op 24 december 2025 in voege. Volgens de klachtencommissie is het dan ook weinig waarschijnlijk dat klager er op 31 december 2025 nog niet van op de hoogte zou zijn geweest. Minstens de vervroegde sluiting van de cellen moet hem op 24 december 2025 al zijn opgevallen. De klachtencommissie kan op dit punt dan ook geen verzuim in hoofde van de directie vaststellen. De klacht is niet-ontvankelijk.
Klager beklaagt zich over het wangedrag van een personeelslid (overdreven luiden van ‘de koeienbel’, agressief reageren ten opzichte van gedetineerden). Hetgeen klager in zijn klacht aanhaalt betreft volgens de klachtencommissie gedrag van het personeel dat niet in verband gebracht kan worden met een beslissing van de directeur. Een klacht die louter handelt over het feitelijk gedrag van het personeel valt niet onder het toepassingsgebied van het beklagrecht. De klacht is niet-ontvankelijk.
Klager beklaagt zich over de aangepaste dienstregeling tijdens de feestdagen die voor alle gedetineerden geldt (en het verzuim van de directie om hem daarvan in kennis te stellen). Zijn klacht betreft dan ook een algemene regel. De klachtencommissie concludeert dat de regeling niet in strijd is met een hogere rechtsnorm. De rechten van de gedetineerden werden ook tijdens de feestdagen gevrijwaard, al was dit op een ander tijdstip dan men gewoon was. Klager kaart in zijn klacht aan dat hij niet op voorhand op de hoogte werd gesteld van de aangepaste dienstregeling. Volgens de klachtencommissie betreft dit een klacht over een mogelijk verzuim. De directie stelt dat de dienstregeling op papier werd uitgedeeld aan elke kamer op klager zijn afdeling. De klachtencommissie ziet geen reden om hier aan te twijfelen. Bovendien was dit regime ook op 24 december 2025 in voege. Volgens de klachtencommissie is het dan ook weinig waarschijnlijk dat klager er op 31 december 2025 nog niet van op de hoogte zou zijn geweest. Minstens de vervroegde sluiting van de cellen moet hem op 24 december 2025 al zijn opgevallen. De klachtencommissie kan op dit punt dan ook geen verzuim in hoofde van de directie vaststellen. De klacht is niet-ontvankelijk.
Klager beklaagt zich over het wangedrag van een personeelslid (overdreven luiden van ‘de koeienbel’, agressief reageren ten opzichte van gedetineerden). Hetgeen klager in zijn klacht aanhaalt betreft volgens de klachtencommissie gedrag van het personeel dat niet in verband gebracht kan worden met een beslissing van de directeur. Een klacht die louter handelt over het feitelijk gedrag van het personeel valt niet onder het toepassingsgebied van het beklagrecht. De klacht is niet-ontvankelijk.