Ga verder naar de inhoud

KC21/25-0214

Fondée KC - Merksplas Commission des plaintes Autre décision directeur
VERZUIM - INDIVIDUEEL DETENTIEPLAN

Klager klaagt aan dat de directie heeft nagelaten om een detentieplan voor hem op te maken. De directie verklaart dat zij niet eerder dan de zitting van de klachtencommissie dergelijke vraag van klager heeft gekregen. Uit het ter zitting neergelegde stuk blijkt dat klager zijn vraag heeft gesteld aan de griffie van de gevangenis. De griffie is een dienst die deel uitmaakt van de penitentiaire inrichting en waarvoor de directie de verantwoordelijkheid draagt. Bijgevolg meent de klachtencommissie dat de directie geacht wordt op de hoogte te zijn geweest van het verzoek van klager om te starten met de opmaak van een individueel detentieplan.

Gelet op de verklaring van klager dat hij al langer dan twee jaar opgesloten zit, gelet op zijn vraag naar een overzicht van zijn detentieplan en gelet op de vaststelling dat er nog geen individueel detentieplan werd opgemaakt, besluit de klachtencommissie dat er sprake is van een verzuim van de directie om een beslissing te nemen hoewel op haar een wettelijke verplichting rustte tot het nemen van een beslissing. De klacht is ontvankelijk. Ingevolge de hiervoor besproken bepalingen uit de Basiswet, is de directie wettelijk verplicht om de opmaak van een detentieplan op te starten en te finaliseren indien een gedetineerde hierom vraagt. Het verzaken aan deze wettelijke bevoegdheid is bijgevolg een schending van een in de gevangenis geldend wettelijk voorschrift. Om deze reden is de klacht gegrond. De klachtencommissie draagt de directeur, in toepassing van artikel 158, §3, 1° van de Basiswet, op om de noodzakelijke initiatieven te nemen zodat gestart kan worden met de opmaak van een individueel detentieplan van klager, binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van deze uitspraak aan de directie.