KC21/25-0191
Fondée
KC - Merksplas
Commission des plaintes
Mesure de sécurité particulière
BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID
De klacht is gericht tegen de beslissing ten gevolge waarvan klager voor vier weken uitgesloten wordt van gemeenschappelijke activiteiten, waaronder de gemeenschappelijke wandeling. Deze beslissing werd opgelegd door de psychiater om therapeutische redenen.
De klachtencommissie wijst erop dat de uitsluiting van deelname aan activiteiten enkel aan de directeur toekomt. Dit kan uiteraard wel op advies van de psychiater of de zorg. Dergelijke uitsluiting kan immers enkel gebeuren op een tijdelijke en gemotiveerde wijze, via het opleggen van een voorlopige maatregel (artikel 145 §1 Basiswet), een bijzondere veiligheidsmaatregel (artikel 112, §1, 2° Basiswet) dewelke in de Basiswet omkaderd wordt met een aantal wettelijke waarborgen of als bijzondere tuchtsanctie (artikel 133, 5° Basiswet). De Basiswet voorziet géén mogelijkheid tot uitsluiting van deelname aan activiteiten door een arts, al dan niet om therapeutische redenen. Deze praktijk is onwettig. In het voorliggend dossier was er geen sprake van een voorlopige maatregel, bijzondere veiligheidsmaatregel of tuchtbeslissing die ten grondslag lag aan de uitsluiting van deelname aan activiteiten. De beslissing werd dan ook genomen zonder wettelijke grondslag, door iemand die hiervoor niet bevoegd is en dit zonder dat klager er een schriftelijke beslissing van ontving. De klacht is gegrond. De beslissing wordt vernietigd. Ten gevolge hiervan dient de uitsluiting van de gemeenschappelijke activiteiten onmiddellijk te worden stopgezet.
De klacht is gericht tegen de beslissing ten gevolge waarvan klager voor vier weken uitgesloten wordt van gemeenschappelijke activiteiten, waaronder de gemeenschappelijke wandeling. Deze beslissing werd opgelegd door de psychiater om therapeutische redenen.
De klachtencommissie wijst erop dat de uitsluiting van deelname aan activiteiten enkel aan de directeur toekomt. Dit kan uiteraard wel op advies van de psychiater of de zorg. Dergelijke uitsluiting kan immers enkel gebeuren op een tijdelijke en gemotiveerde wijze, via het opleggen van een voorlopige maatregel (artikel 145 §1 Basiswet), een bijzondere veiligheidsmaatregel (artikel 112, §1, 2° Basiswet) dewelke in de Basiswet omkaderd wordt met een aantal wettelijke waarborgen of als bijzondere tuchtsanctie (artikel 133, 5° Basiswet). De Basiswet voorziet géén mogelijkheid tot uitsluiting van deelname aan activiteiten door een arts, al dan niet om therapeutische redenen. Deze praktijk is onwettig. In het voorliggend dossier was er geen sprake van een voorlopige maatregel, bijzondere veiligheidsmaatregel of tuchtbeslissing die ten grondslag lag aan de uitsluiting van deelname aan activiteiten. De beslissing werd dan ook genomen zonder wettelijke grondslag, door iemand die hiervoor niet bevoegd is en dit zonder dat klager er een schriftelijke beslissing van ontving. De klacht is gegrond. De beslissing wordt vernietigd. Ten gevolge hiervan dient de uitsluiting van de gemeenschappelijke activiteiten onmiddellijk te worden stopgezet.