Ga verder naar de inhoud

KC21/24-0083

Non fondée KC - Merksplas Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - ONPARTIJDIGHEID

Klager maakt het niet aannemelijk dat de deelname van de directrice aan de bemiddeling in een ander klachtendossier in het voorliggend dossier in zijn nadeel zou hebben gespeeld doordat de directrice zich bij het nemen van de tuchtbeslissing onvoldoende neutraal zou hebben opgesteld. De klachtencommissie merkt bovendien op dat klager dit punt pas voor het eerst in zijn klacht opwerpt. Indien hij van mening was dat hiermee rekening gehouden moest worden, had hij dit argument uiterlijk op de tuchtzitting moeten opwerpen.

In het voorliggend dossier heeft de directeur zich voor het bewezen zijn van de feiten gebaseerd op de materiële vaststellingen zoals opgenomen in twee RAD’s over feiten van 2 en 4 juli 2024, evenals de verklaringen van klager ter tuchtzitting waarbij hij de feiten erkent. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte. De directie kwalificeerde de feiten als het niet naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen (artikel 130, 2° Basiswet). De klachtencommissie acht deze kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd, nu het huishoudelijk reglement van de PI Merksplas zowel het bezit van een USB-stick (p. 8) als het opsparen van medicatie (p. 10) expliciet verbiedt. Klager pleegde een inbreuk van de tweede categorie en kreeg hiervoor 12 dagen ATV. De klachtencommissie acht deze sanctie wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.