KC21/24-0022
Non fondée
KC - Merksplas
Commission des plaintes
Autre décision directeur
KANTINE
Klager beklaagt zich over de weigeringsbeslissing om een specifiek hoofdkussen via de buitenkantine te mogen aankopen.
De gedetineerde heeft het recht, binnen de door het huishoudelijk reglement bepaalde perken, op eigen kosten gebruiks- en verbruiksgoederen aan te schaffen uit het aanbod dat door tussenkomst van een in elke gevangenis in te richten kantinedienst wordt verstrekt en dat zoveel mogelijk tegemoet komt aan de behoeften van de gedetineerden (artikel 47, §1 Basiswet). De aanschaf is aldus afhankelijk van het aanbod van de kantinedienst. De Basiswet waarborgt géén onbeperkt aanbod, maar een aanbod dat zoveel mogelijk tegemoet komt aan de behoeften van de gedetineerden (BC/23-0167).
De klachtencommissie wijst op de passage uit het huishoudelijk reglement in verband met de buitenkantine en stelt vast dat er op de kantinelijst al een hoofdkussen te koop wordt aangeboden. Dit hoofdkussen kan noch qua formaat (40x60) noch qua materiaal (polyester vulling met een brandvertragende hoes) als ongebruikelijk of onvoldoende tegemoetkomend aan de behoeften van de gedetineerden beschouwd kan worden. Klager bracht in zijn aanvraag geen redenen aan waarom dit kussen niet (voldoende) geschikt is om door hem persoonlijk gebruikt te worden (bijvoorbeeld: medische redenen). Hij deed dan ook geen aanvraag betreffende een ‘specifiek product dat niet verkrijgbaar is’ op de kantinelijst. Zijn vraag vloeide voort uit een eigen, strikt persoonlijke voorkeur.
Gelet op artikel 47, §1 Basiswet in samenhang gelezen met de passage uit het huishoudelijk reglement, meent de klachtencommissie dat een louter persoonlijke voorkeur op zich onvoldoende is om de aankoop van een bepaald gebruiksvoorwerp langs de buitenkantine af te dwingen. Volgens de klachtencommissie was de weigeringsbeslissing dan ook wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.
Klager beklaagt zich over de weigeringsbeslissing om een specifiek hoofdkussen via de buitenkantine te mogen aankopen.
De gedetineerde heeft het recht, binnen de door het huishoudelijk reglement bepaalde perken, op eigen kosten gebruiks- en verbruiksgoederen aan te schaffen uit het aanbod dat door tussenkomst van een in elke gevangenis in te richten kantinedienst wordt verstrekt en dat zoveel mogelijk tegemoet komt aan de behoeften van de gedetineerden (artikel 47, §1 Basiswet). De aanschaf is aldus afhankelijk van het aanbod van de kantinedienst. De Basiswet waarborgt géén onbeperkt aanbod, maar een aanbod dat zoveel mogelijk tegemoet komt aan de behoeften van de gedetineerden (BC/23-0167).
De klachtencommissie wijst op de passage uit het huishoudelijk reglement in verband met de buitenkantine en stelt vast dat er op de kantinelijst al een hoofdkussen te koop wordt aangeboden. Dit hoofdkussen kan noch qua formaat (40x60) noch qua materiaal (polyester vulling met een brandvertragende hoes) als ongebruikelijk of onvoldoende tegemoetkomend aan de behoeften van de gedetineerden beschouwd kan worden. Klager bracht in zijn aanvraag geen redenen aan waarom dit kussen niet (voldoende) geschikt is om door hem persoonlijk gebruikt te worden (bijvoorbeeld: medische redenen). Hij deed dan ook geen aanvraag betreffende een ‘specifiek product dat niet verkrijgbaar is’ op de kantinelijst. Zijn vraag vloeide voort uit een eigen, strikt persoonlijke voorkeur.
Gelet op artikel 47, §1 Basiswet in samenhang gelezen met de passage uit het huishoudelijk reglement, meent de klachtencommissie dat een louter persoonlijke voorkeur op zich onvoldoende is om de aankoop van een bepaald gebruiksvoorwerp langs de buitenkantine af te dwingen. Volgens de klachtencommissie was de weigeringsbeslissing dan ook wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.