Ga verder naar de inhoud

KC20/25-0100

Non fondée Fondée Irrecevable KC - Mechelen Commission des plaintes Mesure provisoire Disciplinaire Mesure d'ordre Fouille à corps
FOUILLE LICHAAM - VOORLOPIGE MAATREGEL - TEGEMOETKOMING - TUCHT - ORDEMAATREGEL

De klacht gaat over een fouillering op het lichaam van 30/11/2025, een voorlopige maatregel van 30/11/2025, een tuchtbeslissing van 03/12/2025 en een ordemaatregel van 03/12/2025 van de directie van de gevangenis van Mechelen.

Over de naaktfouille: de klachtencommissie is van oordeel dat de motivering van de bestreden beslissing concrete elementen bevat waarom de directeur het vermoeden had dat klager in het bezit was van verboden voorwerpen of substanties. In de beslissing is bovendien gemotiveerd waarom een onderzoek aan de kledij niet zou volstaan hebben om deze voorwerpen of substanties te vinden. De klacht is ongegrond.

Over de voorlopige maatregel: in de motivering van de voorlopige maatregel wordt niet vermeld dat klager de fysieke integriteit van personen had aangetast. Van beschadigingen van goederen of de dreiging daarvoor, was ook geen sprake. Aangezien er volgens de klachtencommissie geen sprake was van de ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid, mocht het verplicht verblijf in de toegewezen verblijfsruimte als voorlopige maatregel niet opgelegd worden. De voorlopige maatregel werd dus niet opgelegd volgens de vereisten van artikel 145 van de Basiswet.

Om deze redenen is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de voorlopige maatregel. Als tegemoetkoming vraagt klager één extra bezoek. De klachtencommissie kent aan klager de volgende tegemoetkoming toe: één extra bezoek dat dient te worden ingepland binnen de drie maanden vanaf de betekening van huidige beslissing.

Over de tuchtbeslissing: klager kreeg in voorliggende zaak een tuchtsanctie van 15 dagen ATV, omdat hij door de directeur schuldig werd bevonden aan de volgende inbreuk van de tweede categorie “het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepaling”. In dit dossier heeft de directie zich voor het bewijs van de tuchtinbreuk in eerste instantie gesteund op het RAD. De klachtencommissie meent dat de vaststellingen in het RAD helder zijn geformuleerd en niet voor interpretatie vatbaar zijn. De klachtencommissie meent dat de directie de feiten in redelijkheid en billijkheid aan klager kon toerekenen. De klachtencommissie acht de kwalificatie ook correct en afdoende gemotiveerd.

De klachtencommissie stelt vast dat de tuchtprocedure door de directie correct gevolgd werd. De feiten vormen een tuchtrechtelijke inbreuk van de tweede categorie, die kunnen worden gestraft met een maximum van 15 dagen ATV. De klachtencommissie stelt vast dat de directie rekening heeft gehouden met de omvang van de feiten en geen onredelijk zware straf van 15 dagen ATV heeft opgelegd. Om deze redenen is de klacht ongegrond.

Over de ordemaatregel: een klacht tegen een ordemaatregel valt in principe onder het toepassingsgebied van het beklagrecht. Volgens de directie van de gevangenis van Mechelen is er geen ordemaatregel van 03/12/2025 voorhanden. De klacht is om deze redenen niet-ontvankelijk.