KC20/25-0066
Non fondée
KC - Mechelen
Commission des plaintes
Mesure d'ordre
ORDEMAATREGEL - VIDEOBEZOEK - IBVR
De klacht betreft een ordemaatregel van de directie van de gevangenis van Mechelen.
Volgens de Basiswet kan de directeur het bezoek van bezoekers van eerste categorie enkel voorlopig ontzeggen, wanneer er geïndividualiseerde aanwijzingen bestaan dat het bezoek de handhaving van de orde of de veiligheid ernstig in gevaar kan brengen en wanneer glasbezoek ontoereikend is om dit gevaar af te wenden. Voor bezoekers van tweede categorie kan de directeur het bezoek weigeren wanneer de betrokken persoon van geen gerechtvaardigd belang kan doen blijken of wanneer er geïndividualiseerde aanwijzingen bestaan dat het bezoek de handhaving van de orde of de veiligheid in gevaar kan brengen. De voorlopige ontzegging of weigering geschiedt schriftelijk en is met redenen omkleed.
De klachtencommissie nam kennis van de bestreden ordemaatregel. Uit de dossierstukken blijkt dat klager op het moment dat de bestreden ordemaatregel werd opgelegd, in een IBVR verbleef in de gevangenis van Mechelen en dit tot en met 15/09/2025.
De klachtencommissie is van oordeel dat de bestreden ordemaatregel, genomen door de gevangenisdirectie, geen verstrenging inhoudt van de maatregelen van de IBVR zoals opgelegd door de directrice-generaal. Het videobezoek met zijn moeder en zussen was een ‘gunst’. Uit de schriftelijke ordemaatregel blijkt afdoende dat er geïndividualiseerde aanwijzingen bestaan voor een gevaar voor de orde of de veiligheid. De klachtencommissie meent dat de bestreden beslissing voldoet aan de voorwaarden uit de Basiswet.
De klachtencommissie besluit dat de ordemaatregel werd opgelegd conform de voorwaarden uit de Basiswet en de Collectieve Brief nr. 107. De ordemaatregel is wettig. Bovendien meent de klachtencommissie dat de ordemaatregel en de duurtijd ervan, niet onredelijk of onbillijk is. Om deze redenen is de klacht ongegrond.
De klacht betreft een ordemaatregel van de directie van de gevangenis van Mechelen.
Volgens de Basiswet kan de directeur het bezoek van bezoekers van eerste categorie enkel voorlopig ontzeggen, wanneer er geïndividualiseerde aanwijzingen bestaan dat het bezoek de handhaving van de orde of de veiligheid ernstig in gevaar kan brengen en wanneer glasbezoek ontoereikend is om dit gevaar af te wenden. Voor bezoekers van tweede categorie kan de directeur het bezoek weigeren wanneer de betrokken persoon van geen gerechtvaardigd belang kan doen blijken of wanneer er geïndividualiseerde aanwijzingen bestaan dat het bezoek de handhaving van de orde of de veiligheid in gevaar kan brengen. De voorlopige ontzegging of weigering geschiedt schriftelijk en is met redenen omkleed.
De klachtencommissie nam kennis van de bestreden ordemaatregel. Uit de dossierstukken blijkt dat klager op het moment dat de bestreden ordemaatregel werd opgelegd, in een IBVR verbleef in de gevangenis van Mechelen en dit tot en met 15/09/2025.
De klachtencommissie is van oordeel dat de bestreden ordemaatregel, genomen door de gevangenisdirectie, geen verstrenging inhoudt van de maatregelen van de IBVR zoals opgelegd door de directrice-generaal. Het videobezoek met zijn moeder en zussen was een ‘gunst’. Uit de schriftelijke ordemaatregel blijkt afdoende dat er geïndividualiseerde aanwijzingen bestaan voor een gevaar voor de orde of de veiligheid. De klachtencommissie meent dat de bestreden beslissing voldoet aan de voorwaarden uit de Basiswet.
De klachtencommissie besluit dat de ordemaatregel werd opgelegd conform de voorwaarden uit de Basiswet en de Collectieve Brief nr. 107. De ordemaatregel is wettig. Bovendien meent de klachtencommissie dat de ordemaatregel en de duurtijd ervan, niet onredelijk of onbillijk is. Om deze redenen is de klacht ongegrond.