TUCHT - SANCTIE
Klager werd gesanctioneerd met zeven dagen ATV wegens het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen en het op onregelmatige wijze communiceren met een medegedetineerde of met een persoon vreemd aan de gevangenis, beide tuchtrechtelijke inbreuken van de tweede categorie. Voor tuchtinbreuken van de tweede categorie kan maximum vijftien dagen ATV opgelegd worden zodat de tuchtsanctie op zich staand, toegelaten is. Uit het verweer van de directie en het tuchtregister van klager blijkt echter dat de tuchtsanctie van zeven dagen ATV werd opgelegd volgend op twee eerdere tuchtsancties van telkens vijftien dagen ATV. Opeenvolgende of gecombineerde tuchtsancties zijn in principe niet verboden. Er zijn wel enkele grenzen waarmee de directeur moet rekening houden wanneer hij een tuchtsanctie oplegt.
In eerste instantie bepaalt Collectieve Brief nr.124 van 6 september 2013 inzake het tuchtregime van gedetineerden dat de ATV-sanctie wordt opgelegd met uitsluiting van andere tuchtsancties. Deze regel geldt uitsluitend voor inbreuken gesanctioneerd binnen éénzelfde tuchtprocedure. Deze regel staat de combinatie ATV en een andere tuchtsancties dus niet in de weg, evenwel op voorwaarde dat beide sancties niet opgelegd werden binnen één en dezelfde tuchtprocedure. Er kan dus een tuchtsanctie worden opgelegd voor tuchtrechtelijke inbreuken die werden gepleegd tijdens de uitvoering van een ATV-sanctie. De Basiswet en CB nr. 124 voorzien weliswaar in een bescherming voor de gedetineerde teneinde te vermijden dat een gedetineerde te lang in afzondering verblijft. Indien een gedetineerde een tuchtrechtelijke inbreuk begaat tijdens zijn lopende ATV-sanctie en de directeur opnieuw ATV wil opleggen, is voorzien dat de opeenvolgende ATV-sancties in totaal de dertig dagen niet mogen overschrijden. Een uitzondering wordt gemaakt indien een gedetineerde een zware aanslag heeft gepleegd op de fysieke integriteit van een persoon. In dat geval mogen de opeenvolgende ATV-sancties in totaal de 45 dagen niet overschrijden.
Bij het bepalen van de tuchtsanctie had de directeur rekening moeten houden met de reeds in uitvoering zijnde ATV-sancties van in totaal dertig dagen. Bijgevolg was de maximumtermijn bereikt en kon geen nieuwe ATV-sanctie opgelegd worden. De bestreden tuchtsanctie van zeven dagen ATV werd opgelegd in strijd met de Basiswet. De klacht is gegrond. Ten gevolge van de gegrondverklaring moeten de gevolgen van de vernietigde beslissing ongedaan worden gemaakt. De klachtencommissie stelt echter vast dat dit reeds gebeurde door de directie aangezien de sanctie niet zal worden uitgevoerd.
Klager werd gesanctioneerd met zeven dagen ATV wegens het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen en het op onregelmatige wijze communiceren met een medegedetineerde of met een persoon vreemd aan de gevangenis, beide tuchtrechtelijke inbreuken van de tweede categorie. Voor tuchtinbreuken van de tweede categorie kan maximum vijftien dagen ATV opgelegd worden zodat de tuchtsanctie op zich staand, toegelaten is. Uit het verweer van de directie en het tuchtregister van klager blijkt echter dat de tuchtsanctie van zeven dagen ATV werd opgelegd volgend op twee eerdere tuchtsancties van telkens vijftien dagen ATV. Opeenvolgende of gecombineerde tuchtsancties zijn in principe niet verboden. Er zijn wel enkele grenzen waarmee de directeur moet rekening houden wanneer hij een tuchtsanctie oplegt.
In eerste instantie bepaalt Collectieve Brief nr.124 van 6 september 2013 inzake het tuchtregime van gedetineerden dat de ATV-sanctie wordt opgelegd met uitsluiting van andere tuchtsancties. Deze regel geldt uitsluitend voor inbreuken gesanctioneerd binnen éénzelfde tuchtprocedure. Deze regel staat de combinatie ATV en een andere tuchtsancties dus niet in de weg, evenwel op voorwaarde dat beide sancties niet opgelegd werden binnen één en dezelfde tuchtprocedure. Er kan dus een tuchtsanctie worden opgelegd voor tuchtrechtelijke inbreuken die werden gepleegd tijdens de uitvoering van een ATV-sanctie. De Basiswet en CB nr. 124 voorzien weliswaar in een bescherming voor de gedetineerde teneinde te vermijden dat een gedetineerde te lang in afzondering verblijft. Indien een gedetineerde een tuchtrechtelijke inbreuk begaat tijdens zijn lopende ATV-sanctie en de directeur opnieuw ATV wil opleggen, is voorzien dat de opeenvolgende ATV-sancties in totaal de dertig dagen niet mogen overschrijden. Een uitzondering wordt gemaakt indien een gedetineerde een zware aanslag heeft gepleegd op de fysieke integriteit van een persoon. In dat geval mogen de opeenvolgende ATV-sancties in totaal de 45 dagen niet overschrijden.
Bij het bepalen van de tuchtsanctie had de directeur rekening moeten houden met de reeds in uitvoering zijnde ATV-sancties van in totaal dertig dagen. Bijgevolg was de maximumtermijn bereikt en kon geen nieuwe ATV-sanctie opgelegd worden. De bestreden tuchtsanctie van zeven dagen ATV werd opgelegd in strijd met de Basiswet. De klacht is gegrond. Ten gevolge van de gegrondverklaring moeten de gevolgen van de vernietigde beslissing ongedaan worden gemaakt. De klachtencommissie stelt echter vast dat dit reeds gebeurde door de directie aangezien de sanctie niet zal worden uitgevoerd.