KC17/26-0030
Non fondée
KC - Leuven Hulp
Commission des plaintes
Disciplinaire
TUCHT -
Klager heeft een klacht ingediend tegen een tuchtbeslissing omdat volgens hem de chef van die dag, en de volgende ook, hem bleven uitdagen omwille van hun privé en dat klager daarom een vals tuchtrapport heeft gekregen.
Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens de opzettelijke aantasting van de orde. De orde in de gevangenis wordt in de Basiswet omschreven als een toestand waarin de gedragsregels worden nageleefd die noodzakelijk zijn voor het tot stand brengen of het handhaven van een menswaardig samenlevingsklimaat in de gevangenis. De klachtencommissie meent dat de vaststellingen in het RAD zorgvuldig werden weergegeven en dat daaruit duidelijk blijkt dat het gedrag van klager aan deze beschrijvingen voldoet. Aan de vraag van klager om de kwartierchef te mogen spreken kon niet onmiddellijk gevolg gegeven worden waardoor hij de boodschap kreeg dat hij een rapportbriefje kon schrijven. Met dit normaal antwoord nam klager geen genoegen waarop hij de poging van de beambte om de celdeur te sluiten, belemmerde, nadien klopte op het winket en tot slot alsnog niet in gesprek wou gaan met de kwartierchef wanneer deze toch tot aan zijn cel kwam. De klachtencommissie besluit dat de directie de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren. De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van vijf dagen ATV. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie is de wettelijk toegestane maximumsanctie dertig dagen ATV. De tuchtsanctie was dus wettig en niet onredelijk of onbillijk gelet op onder meer het uitgebreid tuchtregister van klager. Om deze redenen is de klacht ongegrond.
Klager heeft een klacht ingediend tegen een tuchtbeslissing omdat volgens hem de chef van die dag, en de volgende ook, hem bleven uitdagen omwille van hun privé en dat klager daarom een vals tuchtrapport heeft gekregen.
Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens de opzettelijke aantasting van de orde. De orde in de gevangenis wordt in de Basiswet omschreven als een toestand waarin de gedragsregels worden nageleefd die noodzakelijk zijn voor het tot stand brengen of het handhaven van een menswaardig samenlevingsklimaat in de gevangenis. De klachtencommissie meent dat de vaststellingen in het RAD zorgvuldig werden weergegeven en dat daaruit duidelijk blijkt dat het gedrag van klager aan deze beschrijvingen voldoet. Aan de vraag van klager om de kwartierchef te mogen spreken kon niet onmiddellijk gevolg gegeven worden waardoor hij de boodschap kreeg dat hij een rapportbriefje kon schrijven. Met dit normaal antwoord nam klager geen genoegen waarop hij de poging van de beambte om de celdeur te sluiten, belemmerde, nadien klopte op het winket en tot slot alsnog niet in gesprek wou gaan met de kwartierchef wanneer deze toch tot aan zijn cel kwam. De klachtencommissie besluit dat de directie de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren. De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van vijf dagen ATV. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie is de wettelijk toegestane maximumsanctie dertig dagen ATV. De tuchtsanctie was dus wettig en niet onredelijk of onbillijk gelet op onder meer het uitgebreid tuchtregister van klager. Om deze redenen is de klacht ongegrond.