KC16/25-0199
Non fondée
Fondée
KC - Leuven Centraal
Commission des plaintes
Autre décision directeur
Disciplinaire
TUCHT - PUNTEN
Klager dient klacht in tegen een tuchtbeslissing. In eerste instantie meent de klachtencommissie dat het RAD duidelijk werd opgesteld. De klachtencommissie is ook van oordeel dat klager geen overtuigende elementen heeft aangevoerd waaruit de klachtencommissie kan afleiden dat het rapport geen correcte weergave zou zijn van de feiten. Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting geeft klager immers zelf toe dat hij tegen de snoepautomaat heeft gestampt omdat er twee stukken snoepgoed bleven steken. Hij stelt dat hij ontploft is en dat hij de beambte heeft uitgescholden. De directie heeft afdoende gemotiveerd waarom de feiten een tuchtrechtelijke inbreuk uitmaakten. De klachtencommissie besluit dat de directeur in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager.
Daarnaast dient klager klacht in tegen de drie opgelegde punten naar aanleiding van de tuchtbeslissing. De beslissing om drie punten toe te kennen aan klager had geen wettelijke basis. Bovendien meent de klachtencommissie dat de beslissing tot toekenning van drie punten niet individueel werd gemotiveerd. Iedere gedetineerde krijgt hetzelfde puntenbriefje waar enkel de datum van de tuchtbeslissing, het aantal punten en het puntensaldo naderhand worden ingevuld. Deze mededeling is algemeen en vaag en bevat geenszins de redenen waarom het in het kader van de orde en de veiligheid noodzakelijk was dat klager moest verhuizen naar het basisregime. Om deze redenen is de klacht tegen de punten gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing tot toekenning van drie punten.
Klager dient klacht in tegen een tuchtbeslissing. In eerste instantie meent de klachtencommissie dat het RAD duidelijk werd opgesteld. De klachtencommissie is ook van oordeel dat klager geen overtuigende elementen heeft aangevoerd waaruit de klachtencommissie kan afleiden dat het rapport geen correcte weergave zou zijn van de feiten. Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting geeft klager immers zelf toe dat hij tegen de snoepautomaat heeft gestampt omdat er twee stukken snoepgoed bleven steken. Hij stelt dat hij ontploft is en dat hij de beambte heeft uitgescholden. De directie heeft afdoende gemotiveerd waarom de feiten een tuchtrechtelijke inbreuk uitmaakten. De klachtencommissie besluit dat de directeur in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager.
Daarnaast dient klager klacht in tegen de drie opgelegde punten naar aanleiding van de tuchtbeslissing. De beslissing om drie punten toe te kennen aan klager had geen wettelijke basis. Bovendien meent de klachtencommissie dat de beslissing tot toekenning van drie punten niet individueel werd gemotiveerd. Iedere gedetineerde krijgt hetzelfde puntenbriefje waar enkel de datum van de tuchtbeslissing, het aantal punten en het puntensaldo naderhand worden ingevuld. Deze mededeling is algemeen en vaag en bevat geenszins de redenen waarom het in het kader van de orde en de veiligheid noodzakelijk was dat klager moest verhuizen naar het basisregime. Om deze redenen is de klacht tegen de punten gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing tot toekenning van drie punten.