KC16/25-0152
Non fondée
Fondée
KC - Leuven Centraal
Commission des plaintes
Autre décision directeur
Mesure provisoire
Disciplinaire
VOORLOPIGE MAATREGEL - TUCHT - RECHTEN VAN VERDEDIGING - PUNTEN
De klacht is gericht tegen een voorlopige maatregel, een tuchtbeslissing en de vijf punten die ingevolge de tuchtbeslissing werden toegekend.
De directie heeft een voorlopige maatregel opgelegd omdat zij van oordeel was dat klager de interne veiligheid ernstig en opzettelijk had aangetast gelet op de eerste vaststellingen van het personeel waaruit bleek dat klager betrokken was bij een gevecht in de schrijnwerkerij. De directie heeft dit ook zo in de motivering van de bestreden beslissing vermeld. Aangezien beide betrokken gedetineerden werken in de schrijnwerkerij, een plaats waar men werkt met gevaarlijk gereedschap, en de aanleiding voor het gevecht nog niet duidelijk was, is de klachtencommissie van oordeel dat de beslissing van de directie tot het opleggen van de voorlopige maatregel wettig en in die gegeven omstandigheden gerechtvaardigd was. Dit onderdeel van de klacht is ongegrond.
Wat betreft tuchtbeslissingen, kan de gedetineerde alleen schuldig worden verklaard aan de hem ten laste gelegde tuchtinbreuk wanneer de directie, op grond van al het bewijsmateriaal waarover zij beschikt, de ten laste gelegde feiten bewezen acht en de daarvoor ter verantwoording geroepen gedetineerde daaraan schuldig acht. De directie heeft hierbij een discretionaire bevoegdheid.
Klager kreeg in voorliggende zaak een tuchtsanctie, omdat hij door de directeur schuldig werd bevonden aan de inbreuk van de eerste categorie “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee”. De klachtencommissie stelt vast dat de directie de camerabeelden heeft bekeken. De klachtencommissie kan niet anders dan vaststellen dat de directie de camerabeelden heeft bekeken en klager deze beelden duidelijk ook wenste te zien, maar hij deze niet voor de zitting van de klachtencommissie te zien heeft gekregen. De reden waarom de directie de beelden voorafgaand aan de tuchtrechtelijke hoorzitting heeft bekeken en de mate waarin dit heeft meegespeeld bij haar uiteindelijke beoordeling over de schuld van klager zijn niet (ver)duidelijk(t).
Dat de directie zich minstens deels of impliciet heeft gesteund op vaststellingen naar aanleiding van het bekijken van de camerabeelden of dat zij de geloofwaardigheid van het RAD heeft afgeleid uit of gesteund op de beelden, valt niet uit te sluiten. Er is naar het oordeel van de klachtencommissie, gelet op alle bovenvermelde omstandigheden, een schending van de rechten van verdediging van klager. Bijgevolg is de klacht gegrond.
Ingevolge de tuchtbeslissing kreeg klager vijf punten toegekend.
De beslissing om vijf punten toe te kennen aan klager had geen wettelijke basis. Bovendien meent de klachtencommissie dat de beslissing tot toekenning van vijf punten niet individueel werd gemotiveerd. Iedere gedetineerde krijgt hetzelfde puntenbriefje waar enkel de datum van de tuchtbeslissing, het aantal punten en het puntensaldo naderhand worden ingevuld. Deze mededeling is algemeen en vaag en bevat geenszins de redenen waarom het in het kader van de orde en de veiligheid noodzakelijk was dat klager bovenop zijn ATV-sanctie nog eens vijf punten kreeg toegekend. Bijgevolg is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing tot toekenning van vijf punten.
De klacht is gericht tegen een voorlopige maatregel, een tuchtbeslissing en de vijf punten die ingevolge de tuchtbeslissing werden toegekend.
De directie heeft een voorlopige maatregel opgelegd omdat zij van oordeel was dat klager de interne veiligheid ernstig en opzettelijk had aangetast gelet op de eerste vaststellingen van het personeel waaruit bleek dat klager betrokken was bij een gevecht in de schrijnwerkerij. De directie heeft dit ook zo in de motivering van de bestreden beslissing vermeld. Aangezien beide betrokken gedetineerden werken in de schrijnwerkerij, een plaats waar men werkt met gevaarlijk gereedschap, en de aanleiding voor het gevecht nog niet duidelijk was, is de klachtencommissie van oordeel dat de beslissing van de directie tot het opleggen van de voorlopige maatregel wettig en in die gegeven omstandigheden gerechtvaardigd was. Dit onderdeel van de klacht is ongegrond.
Wat betreft tuchtbeslissingen, kan de gedetineerde alleen schuldig worden verklaard aan de hem ten laste gelegde tuchtinbreuk wanneer de directie, op grond van al het bewijsmateriaal waarover zij beschikt, de ten laste gelegde feiten bewezen acht en de daarvoor ter verantwoording geroepen gedetineerde daaraan schuldig acht. De directie heeft hierbij een discretionaire bevoegdheid.
Klager kreeg in voorliggende zaak een tuchtsanctie, omdat hij door de directeur schuldig werd bevonden aan de inbreuk van de eerste categorie “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee”. De klachtencommissie stelt vast dat de directie de camerabeelden heeft bekeken. De klachtencommissie kan niet anders dan vaststellen dat de directie de camerabeelden heeft bekeken en klager deze beelden duidelijk ook wenste te zien, maar hij deze niet voor de zitting van de klachtencommissie te zien heeft gekregen. De reden waarom de directie de beelden voorafgaand aan de tuchtrechtelijke hoorzitting heeft bekeken en de mate waarin dit heeft meegespeeld bij haar uiteindelijke beoordeling over de schuld van klager zijn niet (ver)duidelijk(t).
Dat de directie zich minstens deels of impliciet heeft gesteund op vaststellingen naar aanleiding van het bekijken van de camerabeelden of dat zij de geloofwaardigheid van het RAD heeft afgeleid uit of gesteund op de beelden, valt niet uit te sluiten. Er is naar het oordeel van de klachtencommissie, gelet op alle bovenvermelde omstandigheden, een schending van de rechten van verdediging van klager. Bijgevolg is de klacht gegrond.
Ingevolge de tuchtbeslissing kreeg klager vijf punten toegekend.
De beslissing om vijf punten toe te kennen aan klager had geen wettelijke basis. Bovendien meent de klachtencommissie dat de beslissing tot toekenning van vijf punten niet individueel werd gemotiveerd. Iedere gedetineerde krijgt hetzelfde puntenbriefje waar enkel de datum van de tuchtbeslissing, het aantal punten en het puntensaldo naderhand worden ingevuld. Deze mededeling is algemeen en vaag en bevat geenszins de redenen waarom het in het kader van de orde en de veiligheid noodzakelijk was dat klager bovenop zijn ATV-sanctie nog eens vijf punten kreeg toegekend. Bijgevolg is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing tot toekenning van vijf punten.