Ga verder naar de inhoud

KC16/25-0063

Non fondée Fondée KC - Leuven Centraal Commission des plaintes Autre décision directeur Mesure provisoire Disciplinaire
FOUILLE OP HET LICHAAM - TUCHT - VOORLOPIGE MAATREGEL - PUNTENSYSTEEM - REGIMEMUTATIE

De klachten betreffen een naaktfouille, een voorlopige maatregel, een tuchtbeslissing en de beslissing tot het opleggen van tien punten van de directie van de gevangenis van Leuven Centraal.

Wat betreft de naaktfouille: klager werd hieraan onderworpen omdat een personeelslid tijdens ‘het appel van leven’ een signaal van een vermoedelijk verboden voorwerp in zijn cel zou hebben opgevangen. De klachtencommissie is echter van oordeel dat de motivering van de directie geen concrete, individuele en actuele elementen aanhaalt waarom men het vermoeden had dat klager in het bezit zou zijn van verboden voorwerpen of substanties. Bovendien vermeldt de motivering ook niet waarom een onderzoek aan de kledij niet kan volstaan om deze voorwerpen of substanties effectief te vinden, en waarom men dus koos voor een naaktfouille. De klachtencommissie is van oordeel dat de beslissing tot het opleggen van een fouillering op het lichaam niet voldeed aan de wettelijke voorwaarden. De klacht tegen de naaktfouille is ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing.

Wat betreft de voorlopige maatregel: de zaken die de interne veiligheid zouden aangetast kunnen hebben, werden tijdens de celcontrole reeds gevonden en gedeponeerd. De fysieke integriteit van personen werd gevrijwaard en de roerende of onroerende goederen liepen ook geen gevaar van wederrechtelijke beschadiging, vernieling of ontvreemding. De klachtencommissie meent dat de directie op basis van vermelde vaststellingen niet kon oordelen dat er een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid was. De maatregel heeft een bestraffend karakter en kon daarom niet worden opgelegd. De klacht tegen de voorlopige maatregel is ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing.

Wat betreft de tuchtbeslissing: wat de straftoemeting betreft, is de directie binnen de grenzen van de wet en de redelijkheid en billijkheid gebleven. De maximumstraf van 30 dagen ATV werd opgelegd, hetgeen een strenge straf betreft. De directie motiveert echter in haar beslissing hoe ze tot deze beslissing gekomen is, met name rekening houdend met de ernst van de inbreuken (het bezit van of de handel in door of krachtens de wet erboden voorwerpen of substanties en het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen). De klacht tegen de tuchtbeslissing is ontvankelijk, maar ongegrond. De beslissing waarop de klacht betrekking heeft, blijft bestaan.

Wat betreft het opleggen van tien punten: de beslissing om tien punten toe te kennen aan klager had geen wettelijke basis. De klachtencommissie meent dat de beslissing tot toekenning van tien punten bovendien niet individueel werd gemotiveerd. De klacht tegen de punten is ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie vernietigt de tien punten en beveelt dat klager terug moet worden overgeplaatst naar het open regime van zodra er plaats is.