Ga verder naar de inhoud

KC16/23-0148

Non fondée Fondée KC - Leuven Centraal Commission des plaintes Disciplinaire Fouille à corps
CELCONTROLE - FOUILLE OP HET LICHAAM - VERBODEN SUBSTANTIES - VERBODEN VOORWERPEN - MOTIVERING - TUCHT

De klacht betreft de beslissing tot het opleggen van een fouillering op het lichaam van 25.08.2023 en de tuchtbeslissing van 28.08.2023 opgelegd en uitgesproken door de directie van de gevangenis van Leuven Centraal.

Wat betreft de fouillering op het lichaam:
Volgens het verweer van de directie en de motivering van de naaktfouille, werd op basis van het fouilleplan een celcontrole uitgevoerd op de cel van klager en zijn celgenoot. Naar aanleiding van die celcontrole werden een Iphone en witte pilletjes gevonden. De klachtencommissie moet echter vaststellen dat deze vondst niet werd genoteerd in een rapport aan de directeur of observatienota.

De directie was van oordeel dat het resultaat van de celcontrole een individuele aanwijzing was in de zin van artikel 108 van de Basiswet om een naaktfouille te bevelen. De klachtencommissie is daarentegen van oordeel dat de beslissing net geen individuele aanwijzingen bevat die motiveren waarom het noodzakelijk was om klager te onderwerpen aan een naaktfouille. Zo wordt niet gemotiveerd waarom men het vermoeden had dat klager tijdens de wandeling in het bezit was van verboden voorwerpen/substanties. Men had louter vastgesteld dat in de cel waar klager én zijn celgenoot verbleven, er verboden voorwerpen waren gevonden waarvan de celgenoot verklaarde dat deze van hem waren. De klachtencommissie stelt tenslotte vast dat de naaktfouille alsnog werd uitgevoerd nadat klager iets uit zijn trainingsvest nam, dat iets probeerde in te slikken hetgeen verhinderd kon worden waarna men hoorde en zag hoe een bruin blokje op de grond viel. Volgens de klachtencommissie was de naaktfouille hierdoor overbodig geworden en was de uitvoering ervan bijgevolg tergend. Om deze redenen is de klachtencommissie van oordeel dat de beslissing tot het opleggen van de fouillering op het lichaam van 25.08.2023 onwettig was. De klacht is gegrond.

Wat betreft de tuchtbeslissing:
De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van achttien dagen ATV wegens het bezit van door of krachtens de wet verboden substanties, een inbreuk van eerste categorie. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie kan maximaal dertig dagen ATV opgelegd worden zodat de tuchtsanctie in casu wettig was en gelet op het tuchtregister van klager niet onredelijk of onbillijk. De klacht is ongegrond.