KC16/23-0142
Fondée
KC - Leuven Centraal
Commission des plaintes
Autre décision directeur
BEZOEK
Net zoals de vorige weigeringsbeslissing, is de klachtencommissie van oordeel dat de huidige weigeringsbeslissing wettig is. De beslissing werd in eerste instantie genomen binnen de maand na de uitspraak van de klachtencommissie. De directie motiveerde haar beslissing uitgebreid en bezorgde de beslissing ook schriftelijk aan klager die na drie maanden een nieuwe aanvraag voor ongestoord bezoek kan indienen. Tot slot is de weigering van het ongestoord bezoek omwille van de persoonlijkheid van klager die een contra-indicatie zou vormen, een weigeringsgrond voorzien in de Basiswet.
Op basis van het verslag van de PSD weerhoudt de directie een risico voor de aantasting van de fysieke integriteit van mevrouw. Dit risico is gebaseerd op de aard van de gepleegde feiten, de persoonlijkheid van klager en het feit dat er tijdens het ongestoord bezoek geen toezicht wordt gehouden door het gevangenispersoneel. De directie is van oordeel dat dit hoge risico alleen zou kunnen gereduceerd worden door een doorgedreven behandeling in detentie hetgeen niet voorzien kan worden.
De klachtencommissie vindt het in eerst instantie opmerkelijk dat er drie dagen na de uitspraak van de klachtencommissie van 26.06.2023 een uitgebreid en recent verslag van de PSD beschikbaar is terwijl het laatst opgemaakte verslag dateerde van 10.07.2019. Klager verklaarde tijdens de zitting in dossier KC16/23-0087 dat de PSD nog geen risicotaxatie bij hem had afgenomen. Thans verklaart klager dat hij naar aanleiding van de opmaak van het nieuw PSD-verslag niemand van de PSD heeft gesproken en dat hij voor de indiening van zijn klacht zelfs geen kennis had genomen van het nieuw verslag. De klachtencommissie stelt vast dat de directie tijdens de zitting inderdaad heeft bevestigd dat het nieuwe verslag enkel gebaseerd is op dossierstudie en niet op gesprekken met klager. Wanneer de klachtencommissie het nieuwe verslag van de PSD doorneemt, stelt zij vast dat in het deel over de persoonlijkheidsanalyse louter de integrale conclusie van het deskundigenonderzoek dat in het kader van het strafproces werd uitgevoerd in 2012, werd overgenomen. Voor het overige werd hier niets aan toegevoegd. Het verslag van de PSD bevat tenslotte een luik over risicotaxatie waarbij de PSD de statische en dynamische risicofactoren in kaart heeft gebracht aan de hand van testinstrumenten, namelijk de VRAG, de SAPROF en de HCR-20V3.
Wat de aangehaalde persoonlijkheidskenmerken van klager betreft, is de klachtencommissie van oordeel dat het dossier van klager verschillende elementen bevat die deze persoonlijkheidsbeschrijving ontkrachten. Wat de parasitaire relatievorming en emotionele doorleving betreft, stelt de klachtencommissie vast dat klager en mevrouw minstens al vijf jaar een relatie hebben. Mevrouw komt heel regelmatig op tafelbezoek en zij hebben ook familiaal bezoek. De klachtencommissie meent dat het onderhouden van een duurzame relatie vanuit detentie absoluut niet evident is waardoor het engagement en doorzettingsvermogen van zowel mevrouw als klager toonaangevend zijn. Bovendien werd noch door de directie, noch door de PSD, noch door de aalmoezenier die aanwezig is tijdens het familiaal bezoek melding gemaakt van incidenten tijdens de bezoeken die de afgelopen vijf jaar plaatsvonden. Als het over de gedragsstoornis, de verhouding met autoriteit en de beperkte frustratietolerantie gaat, merkt de klachtencommissie op dat zowel de directie als de PSD verklaren dat de detentie van klager sinds 2015 zonder noemenswaardige problemen verloopt. Het tuchtregister van klager bevat geen enkele tuchtinbreuk voor beledigingen, bedreigingen, intimidatie of agressie of gebruik van verdovende middelen. Bovendien oefent klager sinds vier maanden een vertrouwensjob uit waardoor hij zich alleen door de gevangenis mag begeven om technische problemen op te lossen. Ook over de uitoefening van zijn job waren er tot nu toe geen klachten. De klachtencommissie vindt dit toch een opvallend gegeven in vergelijking met de geschetste persoonlijkheid.
Tot slot wil de klachtencommissie klager ook erkennen in zijn engagement om beter inzicht te krijgen in zichzelf en om zich open te stellen voor kritiek bijvoorbeeld door deel te nemen aan vormingen in de gevangenis, door zichzelf en zijn relatie te laten opvolgen door het CCG en CAW, door zich wekelijks in te zetten voor de groepstherapie en door zichzelf doelen te stellen zoals het behalen van een diploma TSO handel.
Gelet op het voorgaande, komt de klachtencommissie tot het besluit dat de beslissing van de directie om het ongestoord bezoek te weigeren omwille van de persoonlijkheid van klager onredelijk en onbillijk is omdat de persoonlijkheidsanalyse louter werd gebaseerd op het deskundigenonderzoek uit 2012, men daarentegen pertinent weigert om de nieuwe onderzoeksresultaten van 2023 die nochtans een positieve evolutie in de persoonlijkheid van klager weergeven, in overweging te nemen en men klager weliswaar niet zelf grondig onderzocht heeft. De klachtencommissie hekelde in haar vorige uitspraak al dat de reden waarom men geen rekening wil houden met de nieuwe onderzoeksresultaten, niet in de weigeringsbeslissing of het verslag van de PSD staat. De klachtencommissie meent daarenboven dat de opgegeven reden uit het verweer ook niet rationeel is omdat het onderzoek uit 2012, waar men zich wel op wil baseren, volgens dezelfde methode én door dezelfde psycholoog werd gevoerd als het onderzoek uit 2022. De klachtencommissie is tenslotte van oordeel dat de motivering van de beslissing tot gevolg heeft dat elke toekomstige bezoekaanvraag zal geweigerd worden hetgeen defacto betekent dat klager voor onbepaalde duur uitgesloten is van ongestoord bezoek, hetgeen onredelijk en onbillijk is en bovendien in strijd is met de Basiswet.
Om deze redenen is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing. De klachtencommissie bepaalt dat haar uitspraak in de plaats treedt. Dit wil zeggen dat het ongestoord bezoek van mevrouw aan klager wordt toegelaten.
Net zoals de vorige weigeringsbeslissing, is de klachtencommissie van oordeel dat de huidige weigeringsbeslissing wettig is. De beslissing werd in eerste instantie genomen binnen de maand na de uitspraak van de klachtencommissie. De directie motiveerde haar beslissing uitgebreid en bezorgde de beslissing ook schriftelijk aan klager die na drie maanden een nieuwe aanvraag voor ongestoord bezoek kan indienen. Tot slot is de weigering van het ongestoord bezoek omwille van de persoonlijkheid van klager die een contra-indicatie zou vormen, een weigeringsgrond voorzien in de Basiswet.
Op basis van het verslag van de PSD weerhoudt de directie een risico voor de aantasting van de fysieke integriteit van mevrouw. Dit risico is gebaseerd op de aard van de gepleegde feiten, de persoonlijkheid van klager en het feit dat er tijdens het ongestoord bezoek geen toezicht wordt gehouden door het gevangenispersoneel. De directie is van oordeel dat dit hoge risico alleen zou kunnen gereduceerd worden door een doorgedreven behandeling in detentie hetgeen niet voorzien kan worden.
De klachtencommissie vindt het in eerst instantie opmerkelijk dat er drie dagen na de uitspraak van de klachtencommissie van 26.06.2023 een uitgebreid en recent verslag van de PSD beschikbaar is terwijl het laatst opgemaakte verslag dateerde van 10.07.2019. Klager verklaarde tijdens de zitting in dossier KC16/23-0087 dat de PSD nog geen risicotaxatie bij hem had afgenomen. Thans verklaart klager dat hij naar aanleiding van de opmaak van het nieuw PSD-verslag niemand van de PSD heeft gesproken en dat hij voor de indiening van zijn klacht zelfs geen kennis had genomen van het nieuw verslag. De klachtencommissie stelt vast dat de directie tijdens de zitting inderdaad heeft bevestigd dat het nieuwe verslag enkel gebaseerd is op dossierstudie en niet op gesprekken met klager. Wanneer de klachtencommissie het nieuwe verslag van de PSD doorneemt, stelt zij vast dat in het deel over de persoonlijkheidsanalyse louter de integrale conclusie van het deskundigenonderzoek dat in het kader van het strafproces werd uitgevoerd in 2012, werd overgenomen. Voor het overige werd hier niets aan toegevoegd. Het verslag van de PSD bevat tenslotte een luik over risicotaxatie waarbij de PSD de statische en dynamische risicofactoren in kaart heeft gebracht aan de hand van testinstrumenten, namelijk de VRAG, de SAPROF en de HCR-20V3.
Wat de aangehaalde persoonlijkheidskenmerken van klager betreft, is de klachtencommissie van oordeel dat het dossier van klager verschillende elementen bevat die deze persoonlijkheidsbeschrijving ontkrachten. Wat de parasitaire relatievorming en emotionele doorleving betreft, stelt de klachtencommissie vast dat klager en mevrouw minstens al vijf jaar een relatie hebben. Mevrouw komt heel regelmatig op tafelbezoek en zij hebben ook familiaal bezoek. De klachtencommissie meent dat het onderhouden van een duurzame relatie vanuit detentie absoluut niet evident is waardoor het engagement en doorzettingsvermogen van zowel mevrouw als klager toonaangevend zijn. Bovendien werd noch door de directie, noch door de PSD, noch door de aalmoezenier die aanwezig is tijdens het familiaal bezoek melding gemaakt van incidenten tijdens de bezoeken die de afgelopen vijf jaar plaatsvonden. Als het over de gedragsstoornis, de verhouding met autoriteit en de beperkte frustratietolerantie gaat, merkt de klachtencommissie op dat zowel de directie als de PSD verklaren dat de detentie van klager sinds 2015 zonder noemenswaardige problemen verloopt. Het tuchtregister van klager bevat geen enkele tuchtinbreuk voor beledigingen, bedreigingen, intimidatie of agressie of gebruik van verdovende middelen. Bovendien oefent klager sinds vier maanden een vertrouwensjob uit waardoor hij zich alleen door de gevangenis mag begeven om technische problemen op te lossen. Ook over de uitoefening van zijn job waren er tot nu toe geen klachten. De klachtencommissie vindt dit toch een opvallend gegeven in vergelijking met de geschetste persoonlijkheid.
Tot slot wil de klachtencommissie klager ook erkennen in zijn engagement om beter inzicht te krijgen in zichzelf en om zich open te stellen voor kritiek bijvoorbeeld door deel te nemen aan vormingen in de gevangenis, door zichzelf en zijn relatie te laten opvolgen door het CCG en CAW, door zich wekelijks in te zetten voor de groepstherapie en door zichzelf doelen te stellen zoals het behalen van een diploma TSO handel.
Gelet op het voorgaande, komt de klachtencommissie tot het besluit dat de beslissing van de directie om het ongestoord bezoek te weigeren omwille van de persoonlijkheid van klager onredelijk en onbillijk is omdat de persoonlijkheidsanalyse louter werd gebaseerd op het deskundigenonderzoek uit 2012, men daarentegen pertinent weigert om de nieuwe onderzoeksresultaten van 2023 die nochtans een positieve evolutie in de persoonlijkheid van klager weergeven, in overweging te nemen en men klager weliswaar niet zelf grondig onderzocht heeft. De klachtencommissie hekelde in haar vorige uitspraak al dat de reden waarom men geen rekening wil houden met de nieuwe onderzoeksresultaten, niet in de weigeringsbeslissing of het verslag van de PSD staat. De klachtencommissie meent daarenboven dat de opgegeven reden uit het verweer ook niet rationeel is omdat het onderzoek uit 2012, waar men zich wel op wil baseren, volgens dezelfde methode én door dezelfde psycholoog werd gevoerd als het onderzoek uit 2022. De klachtencommissie is tenslotte van oordeel dat de motivering van de beslissing tot gevolg heeft dat elke toekomstige bezoekaanvraag zal geweigerd worden hetgeen defacto betekent dat klager voor onbepaalde duur uitgesloten is van ongestoord bezoek, hetgeen onredelijk en onbillijk is en bovendien in strijd is met de Basiswet.
Om deze redenen is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing. De klachtencommissie bepaalt dat haar uitspraak in de plaats treedt. Dit wil zeggen dat het ongestoord bezoek van mevrouw aan klager wordt toegelaten.