KC16/22-0140
Fondée
KC - Leuven Centraal
Commission des plaintes
Autre décision directeur
Fouille à corps
CEL - FOUILLE LICHAAM
Er werd een politionele actie uitgevoerd in de gevangenis waarbij onder andere de cel van klager door de politie werd gecontroleerd. Ministeriële omzendbrief nr. 1785 van 18 juli 2006 inzake drugproblematiek bepaalt dat er voor gezorgd moet worden dat de mogelijkheid om drugs te laten circuleren in de gevangenis, tegengegaan wordt. Deze omzendbrief laat aan de gevangenisdirecteur de mogelijkheid om de bijstand te vragen van politiediensten voor een onderzoek van gedetineerden of lokalen, waarbij detectieapparatuur en/of honden kunnen worden aangewend. De klachtencommissie is van oordeel dat de directie haar bevoegdheden, die zij ontleent aan de Basiswet, niet overdraagt aan de politie wanneer zij beroep doet op de diensten van de politie. In de MO nr. 1785 is er immers enkel sprake dat de directeur bijstand kan vragen. De klachtencommissie besluit dat de directie wel degelijk zeggenschap heeft over de geplande politionele acties, hetgeen ook werd bevestigd op de zitting aangezien er datums en tijdstippen worden overeengekomen.
De klachtencommissie meent dat de politie op grond van de Wet op het Politieambt, geen bevoegdheden heeft om fouilles (onderzoek aan het lichaam, onderzoek aan de kledij of onderzoek in de verblijfsruimte) in de gevangenis op te leggen. Voor fouilles die plaatsvinden in de strafinrichtingen geldt de Basiswet. Gelet op de politonele actie waarbij zes cellen werden gecontroleerd met behulp van een drugshond, kaderden deze celcontroles niet in het kader van het fouilleplan. De celcontrole van klager was dus een bijkomende celcontrole. De Basiswet bepaalt dat alle beslissingen die in het kader van deze wet worden genomen, met redenen omkleed zijn. Gelet op bovenstaande analyse meent de klachtencommissie dat de directeur de beslissing tot celcontrole had moeten nemen en niet de politie. Gelet op het verzuim van de directeur om een beslissing te nemen, is de klacht tegen de celcontrole ontvankelijk. Bij gebreke aan een beslissing van de directeur, werd de celcontrole bovendien niet individueel gemotiveerd. De klacht is gegrond.
Klager diende ook een klacht in tegen een naaktfouille van latere datum. In casu heeft de directeur een beslissing tot het opleggen van een fouillering op het lichaam bevolen met als motivering: “Tijdens het bezoek werden door het personeel verdachte handelingen vastgesteld tussen de gedetineerde en zijn bezoekers die wijzen op het doorgeven van door het reglement verboden items. Het is noodzakelijk deze items te onderscheppen in het belang van de interne orde en veiligheid van de penitentiaire inrichting.” De klachtencommissie is van oordeel dat de motivering van de beslissing de verdachte handelingen waarvan sprake, niet concretiseert. De verdachte handelingen worden niet beschreven. Bovendien wordt niet gemotiveerd waarom een onderzoek aan de kledij niet zou volstaan. De klachtencommissie herhaalt nochtans het ingrijpende karakter van dergelijk onderzoek. De klacht is gegrond.
Er werd een politionele actie uitgevoerd in de gevangenis waarbij onder andere de cel van klager door de politie werd gecontroleerd. Ministeriële omzendbrief nr. 1785 van 18 juli 2006 inzake drugproblematiek bepaalt dat er voor gezorgd moet worden dat de mogelijkheid om drugs te laten circuleren in de gevangenis, tegengegaan wordt. Deze omzendbrief laat aan de gevangenisdirecteur de mogelijkheid om de bijstand te vragen van politiediensten voor een onderzoek van gedetineerden of lokalen, waarbij detectieapparatuur en/of honden kunnen worden aangewend. De klachtencommissie is van oordeel dat de directie haar bevoegdheden, die zij ontleent aan de Basiswet, niet overdraagt aan de politie wanneer zij beroep doet op de diensten van de politie. In de MO nr. 1785 is er immers enkel sprake dat de directeur bijstand kan vragen. De klachtencommissie besluit dat de directie wel degelijk zeggenschap heeft over de geplande politionele acties, hetgeen ook werd bevestigd op de zitting aangezien er datums en tijdstippen worden overeengekomen.
De klachtencommissie meent dat de politie op grond van de Wet op het Politieambt, geen bevoegdheden heeft om fouilles (onderzoek aan het lichaam, onderzoek aan de kledij of onderzoek in de verblijfsruimte) in de gevangenis op te leggen. Voor fouilles die plaatsvinden in de strafinrichtingen geldt de Basiswet. Gelet op de politonele actie waarbij zes cellen werden gecontroleerd met behulp van een drugshond, kaderden deze celcontroles niet in het kader van het fouilleplan. De celcontrole van klager was dus een bijkomende celcontrole. De Basiswet bepaalt dat alle beslissingen die in het kader van deze wet worden genomen, met redenen omkleed zijn. Gelet op bovenstaande analyse meent de klachtencommissie dat de directeur de beslissing tot celcontrole had moeten nemen en niet de politie. Gelet op het verzuim van de directeur om een beslissing te nemen, is de klacht tegen de celcontrole ontvankelijk. Bij gebreke aan een beslissing van de directeur, werd de celcontrole bovendien niet individueel gemotiveerd. De klacht is gegrond.
Klager diende ook een klacht in tegen een naaktfouille van latere datum. In casu heeft de directeur een beslissing tot het opleggen van een fouillering op het lichaam bevolen met als motivering: “Tijdens het bezoek werden door het personeel verdachte handelingen vastgesteld tussen de gedetineerde en zijn bezoekers die wijzen op het doorgeven van door het reglement verboden items. Het is noodzakelijk deze items te onderscheppen in het belang van de interne orde en veiligheid van de penitentiaire inrichting.” De klachtencommissie is van oordeel dat de motivering van de beslissing de verdachte handelingen waarvan sprake, niet concretiseert. De verdachte handelingen worden niet beschreven. Bovendien wordt niet gemotiveerd waarom een onderzoek aan de kledij niet zou volstaan. De klachtencommissie herhaalt nochtans het ingrijpende karakter van dergelijk onderzoek. De klacht is gegrond.