Ga verder naar de inhoud

KC10/25-0202

Fondée KC - Hasselt Commission des plaintes Autre décision directeur
BESLISSING NAMENS - KANTINE - REKENINGEN - VOORWERPEN

De klacht houdt in essentie in dat klager via de kantine een waterkoker heeft besteld, dat de prijs van de waterkoker van zijn rekening is gegaan maar dat hij geen waterkoker heeft gekregen. Bijgevolg komt zijn klacht neer op een verzuim of een weigering om de bestelde en betaalde waterkoker te leveren of een terugbetaling te regelen. De kantinedienst en de rekendienst maken deel uit van de penitentiaire inrichting en functioneren onder de verantwoordelijkheid van de directie. De correcte levering van bestelde gebruiks- en verbruiksgoederen en de correcte afrekening van deze goederen maken inherent deel uit van de opdracht en de werking van de kantinedienst en de rekendienst waarvoor de directie de verantwoordelijkheid draagt. Een verzuim/weigering van de kantinedienst om een beslissing te nemen is dus een verzuim namens de directie.

De klachtencommissie concludeert dat het vaststaat dat:
- Klager een waterkoker via de kantine heeft besteld;
- De prijs voor deze waterkoker van zijn rekening is gegaan;
- Er geen waterkoker in zijn cel aanwezig was op het moment van de zitting;
- Er geen bewijs voorligt dat klager de bestelde waterkoker ooit op cel heeft gehad maar dat deze nadien werd afgenomen.

De klachtencommissie stelt verder vast dat de handtekening op de leverbon, niet overeenstemt met de handtekening op het klachtenformulier. Tot slot acht de klachtencommissie het niet aannemelijk dat klager de waterkoker alsnog heeft ontvangen waarna deze is verdwenen en zich hierover toch beklaagt bij de gevangenisadministratie en intussen al vijf maanden koude koffie drinkt. De klachtencommissie besluit daarentegen dat het niet is aangetoond dat de waterkoker in aanwezigheid van klager werd geleverd en de lijst door hem werd afgetekend zoals dat vereist is volgens het huishoudelijk reglement van de gevangenis van Hasselt. Om deze redenen besluit de klachtencommissie dat er sprake is van een verzuim of een weigering namens de directie om binnen een redelijke termijn de bestelde en betaalde waterkoker aan klager te leveren. De klacht is ontvankelijk en gegrond. In toepassing van artikel 158, §3, 1° van de Basiswet draagt de klachtencommissie de directie op om binnen de acht dagen na kennisgeving van deze uitspraak aan het klachtenbureau van de gevangenis, gratis een waterkoker te bezorgen aan klager.