KC10/25-0137
Irrecevable
KC - Hasselt
Commission des plaintes
Pas de décision du directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - BEZOEK
Klager zegt dat hij tot tweemaal toe niet opgeroepen werd terwijl hij een afspraak had. De klachtencommissie vindt het op basis van het schrijven van klager niet duidelijk tegen welke beslissing hij klacht wenst in te dienen. Klager vermeldt niet over wat voor afspraak het ging, wie hem niet zou opgeroepen hebben en wanneer dit plaatsvond. De klacht werd onduidelijk opgesteld. De klacht is niet-ontvankelijk.
Klager zegt dat hij niet opgeroepen werd voor het bezoek terwijl zijn zus zich wel op tijd aandiende. Tegen zijn zus zou gezegd zijn dat klager niet wou komen. Zijn zus werd ook onheus bejegend door de beambte. Klager noteerde niet op welke datum hetgeen hij aanhaalt, plaatsvond. De klachtencommissie vroeg extra informatie op inzake het bezoek van klager. Uit het logboek van de portiers kon er in elk geval geen bijzonderheid vastgesteld worden op datum van 1 september 2025 (datum van indiening van de klacht). Het personeel opperde dat het waarschijnlijker is dat het bezoek van klager niet kwam opdagen.Hoewel het onduidelijk blijft wat er in het voorliggend dossier precies is misgelopen, kan de klachtencommissie in elk geval niet besluiten tot een beslissing of verzuim om een beslissing te nemen in de zin van artikel 148 Basiswet. Hetgeen klager in zijn klacht aanhaalt over de bejegening van zijn zus betreft volgens de klachtencommissie gedrag van een beambte dat niet in verband gebracht kan worden met een beslissing van de directeur. Een klacht die handelt over het louter feitelijk gedrag van een personeelslid valt niet onder het toepassingsgebied van het beklagrecht. Klager maakt het niet aannemelijk dat hij zijn probleem reeds aankaartte bij de directie, zodat de klachtencommissie ook niet kan overgaan tot het vaststellen van een eventueel verzuim in hoofde van de directie. De klacht is niet-ontvankelijk.
Klager zegt dat hij tot tweemaal toe niet opgeroepen werd terwijl hij een afspraak had. De klachtencommissie vindt het op basis van het schrijven van klager niet duidelijk tegen welke beslissing hij klacht wenst in te dienen. Klager vermeldt niet over wat voor afspraak het ging, wie hem niet zou opgeroepen hebben en wanneer dit plaatsvond. De klacht werd onduidelijk opgesteld. De klacht is niet-ontvankelijk.
Klager zegt dat hij niet opgeroepen werd voor het bezoek terwijl zijn zus zich wel op tijd aandiende. Tegen zijn zus zou gezegd zijn dat klager niet wou komen. Zijn zus werd ook onheus bejegend door de beambte. Klager noteerde niet op welke datum hetgeen hij aanhaalt, plaatsvond. De klachtencommissie vroeg extra informatie op inzake het bezoek van klager. Uit het logboek van de portiers kon er in elk geval geen bijzonderheid vastgesteld worden op datum van 1 september 2025 (datum van indiening van de klacht). Het personeel opperde dat het waarschijnlijker is dat het bezoek van klager niet kwam opdagen.Hoewel het onduidelijk blijft wat er in het voorliggend dossier precies is misgelopen, kan de klachtencommissie in elk geval niet besluiten tot een beslissing of verzuim om een beslissing te nemen in de zin van artikel 148 Basiswet. Hetgeen klager in zijn klacht aanhaalt over de bejegening van zijn zus betreft volgens de klachtencommissie gedrag van een beambte dat niet in verband gebracht kan worden met een beslissing van de directeur. Een klacht die handelt over het louter feitelijk gedrag van een personeelslid valt niet onder het toepassingsgebied van het beklagrecht. Klager maakt het niet aannemelijk dat hij zijn probleem reeds aankaartte bij de directie, zodat de klachtencommissie ook niet kan overgaan tot het vaststellen van een eventueel verzuim in hoofde van de directie. De klacht is niet-ontvankelijk.