Ga verder naar de inhoud

KC10/24-0118

Non fondée KC - Hasselt Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - VERBODEN VOORWERPEN - VERBODEN SUBSTANTIES

Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties en het bezit of gebruik van technologische middelen die onregelmatige communicatie met de buitenwereld mogelijk maken. Volgens het RAD werd in de cel waar klager én zijn celgenoot op dat moment verbleven twee verpakkingen met vermoedelijk speed in het vriesvak van de koelkast gevonden, een gsm en een oplader. Geen van beide celgenoten zou toegegeven hebben dat de goederen van hem waren. De klachtencommissie stelt aan de hand van het verslag van de tuchtrechtelijke hoorzitting vast dat klager toen verklaarde dat de goederen niet van hem waren maar van zijn celgenoot, die de dag voor de zitting was vrijgelaten. Zijn celgenoot zou tegen klager gezegd hebben dat hij de gsm heeft teruggevraagd omdat hij er 1000 euro voor had betaald en dat hij alles had toegegeven aan de chef op sectie.

In eerste instantie meent de klachtencommissie dat het RAD duidelijk werd opgesteld. Daarnaast meent de klachtencommissie dat klager geen overtuigende elementen heeft aangevoerd. Indien de drugs en de gsm werkelijk van de celgenoot van klager waren, begrijpt de klachtencommissie niet waarom de celgenoot dat niet meteen spontaan heeft toegegeven bij de ontdekking ervan. Bovendien werd ook geen bijkomend rapport of meldingsverslag opgemaakt waaruit blijkt dat de celgenoot naderhand de inbreuken heeft toegegeven aan een beambte, zoals klager wel verklaarde. Hieruit besluit de klachtencommissie dat de verklaring van klager ongeloofwaardig is. De klachtencommissie besluit dat de directeur in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuken kon bewezen verklaren in hoofde van klager. De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van veertien dagen ATV. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie is de wettelijk toegestane maximumsanctie dertig dagen ATV. De tuchtsanctie was dus wettig. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was gelet op het feit dat klager zowel in het bezit werd gevonden van drugs én een gsm.

Om deze redenen is de klacht ongegrond. De tuchtbeslissing blijft bestaan.