Ga verder naar de inhoud

KC10/24-0110

Non fondée KC - Hasselt Commission des plaintes Mesure d'ordre
ORDEMAATREGEL - BEZOEK

De directeur besliste om de bezoektoelating tussen klager en zijn partner te beperken tot glasbezoek en dit gedurende een maand. De klachtencommissie stelt vast dat de ordemaatregel werd opgelegd ingevolge een rapport aan de directeur (RAD). Uit de vaststellingen blijkt dat de partner van klager, samen met de kinderen, onderweg was naar de bezoekzaal. Tijdens dit traject, diende mevrouw even te wachten tot dat een andere deur die open stond, gesloten werd. De opsteller van het RAD maakte met handgebaren aan mevrouw duidelijk dat ze even geduld moest hebben maar dat zinde haar blijkbaar niet. Een beambte die ook aan het wachten was, was getuige hoe mevrouw de beambte aan het verwijten was. Ingevolge deze vaststellingen, is de directie van oordeel dat de bezoekster van klager de orde en veiligheid heeft verstoord door haar respectloze en minachtende houding tegenover het gevangenispersoneel. De directie benoemt in de motivering van de ordemaatregel expliciet de gedragsregels voor bezoekers vermeld in het huishoudelijk reglement van de gevangenis en waarvan de directie meent dat bezoekster ze heeft overtreden. Bovendien blijkt uit de ordemaatregel dat het niet de eerste keer is dat mevrouw dergelijk gedrag stelt waardoor de directie vreest dat de inbreuk zich zal herhalen. De klachtencommissie besluit dat de ordemaatregel werd opgelegd conform de voorwaarden uit de Basiswet en Collectieve Brief nr. 107. De ordemaatregel is wettig. Bovendien meent de klachtencommissie dat de ordemaatregel met inbegrip van de duurtijd, niet onredelijk of onbillijk is. Via glasbezoek heeft klager toch nog de mogelijkheid om zijn partner te zien.

Om deze redenen is de klacht kennelijk ongegrond. De ordemaatregel blijft bestaan.