TUCHT - SANCTIE - MOTIVERING
Gelet op zijn bekentenis tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting en de inhoud van zijn klachtenformulieren, betwist klager de tuchtinbreuk en bijgevolg het opleggen van een sanctie, niet. Klager wil echter dat de tuchtsanctie en de motivering van de tuchtbeslissing worden aangepast. De klachtencommissie beperkt haar onderzoek bijgevolg tot de wettelijkheid en redelijkheid van de straftoemeting en de motivering van de tuchtbeslissing. Klager werd gesanctioneerd wegens de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen of de bedreiging daarmee, een inbreuk van eerste categorie, en wegens het beledigen van personen die zich in de gevangenis bevinden, een inbreuk van tweede categorie. De directeur heeft hiervoor een algemene effectieve tuchtsanctie van zeven dagen ATV en een voorwaardelijke algemene tuchtsanctie van veertien dagen ATV opgelegd.
De Basiswet bepaalt dat de directeur de keuze heeft over de aard en de omvang van de tuchtsanctie. De directeur dient weliswaar enerzijds rekening te houden met de wettelijk bepaalde maximumsancties en anderzijds met de evenredigheid tussen de ernst van de inbreuk en de sanctie. Bij samenloop tussen tuchtrechtelijke inbreuken worden de verschillende inbreuken bestraft als één tuchtrechtelijke inbreuk van dezelfde categorie als de zwaarste van de samenlopende tuchtinbreuken. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie kan maximaal dertig dagen ATV opgelegd worden zodat de gedeeltelijk voorwaardelijke tuchtsanctie wettig was. De klachtencommissie is bovendien van oordeel dat de tuchtsanctie ook niet onredelijk of onbillijk is gelet op het gedeeltelijk voorwaardelijk karakter en de ernst van de bedreiging die klager heeft geuit. De klachtencommissie ziet dus geen reden om de voorwaardelijke sanctie te schrappen.
Daarnaast is de klachtencommissie van oordeel dat de motivering van de tuchtbeslissing overeenkomt met de verklaringen van klager zoals genoteerd in het verslag van de tuchtrechtelijke hoorzitting. Klager haalt geen redenen aan om aan te nemen dat het verslag niet waarheidsgetrouw zou zijn opgesteld. De klachten zijn ongegrond.
Gelet op zijn bekentenis tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting en de inhoud van zijn klachtenformulieren, betwist klager de tuchtinbreuk en bijgevolg het opleggen van een sanctie, niet. Klager wil echter dat de tuchtsanctie en de motivering van de tuchtbeslissing worden aangepast. De klachtencommissie beperkt haar onderzoek bijgevolg tot de wettelijkheid en redelijkheid van de straftoemeting en de motivering van de tuchtbeslissing. Klager werd gesanctioneerd wegens de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen of de bedreiging daarmee, een inbreuk van eerste categorie, en wegens het beledigen van personen die zich in de gevangenis bevinden, een inbreuk van tweede categorie. De directeur heeft hiervoor een algemene effectieve tuchtsanctie van zeven dagen ATV en een voorwaardelijke algemene tuchtsanctie van veertien dagen ATV opgelegd.
De Basiswet bepaalt dat de directeur de keuze heeft over de aard en de omvang van de tuchtsanctie. De directeur dient weliswaar enerzijds rekening te houden met de wettelijk bepaalde maximumsancties en anderzijds met de evenredigheid tussen de ernst van de inbreuk en de sanctie. Bij samenloop tussen tuchtrechtelijke inbreuken worden de verschillende inbreuken bestraft als één tuchtrechtelijke inbreuk van dezelfde categorie als de zwaarste van de samenlopende tuchtinbreuken. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie kan maximaal dertig dagen ATV opgelegd worden zodat de gedeeltelijk voorwaardelijke tuchtsanctie wettig was. De klachtencommissie is bovendien van oordeel dat de tuchtsanctie ook niet onredelijk of onbillijk is gelet op het gedeeltelijk voorwaardelijk karakter en de ernst van de bedreiging die klager heeft geuit. De klachtencommissie ziet dus geen reden om de voorwaardelijke sanctie te schrappen.
Daarnaast is de klachtencommissie van oordeel dat de motivering van de tuchtbeslissing overeenkomt met de verklaringen van klager zoals genoteerd in het verslag van de tuchtrechtelijke hoorzitting. Klager haalt geen redenen aan om aan te nemen dat het verslag niet waarheidsgetrouw zou zijn opgesteld. De klachten zijn ongegrond.