KC10/22-0002
Non fondée
KC - Hasselt
Commission des plaintes
Autre décision directeur
CELMUTATIE
De Klachtencommissie acht de beslissing tot verhuis van klager, ingegeven door de verstoorde relaties met het personeel van de afdeling en de impact die dit enerzijds had op het personeel en anderzijds op het leefklimaat op de afdeling, redelijk. Klager klaagt over het feit dat hij onvoldoende uitleg kreeg over de beslissing, waardoor hij de verhuis als een soort tweede straf beschouwde. Volgens de Klachtencommissie vindt deze bewering van klager onvoldoende steun in de stukken van het dossier evenals de verklaringen van de directie ter zitting. Uit het bijgebrachte mailverkeer en de verklaringen van de directie blijkt dat klager op verschillende momenten door maar liefst twee directieleden en twee penitentiaire beambten werd aangesproken over de verhuis. Uit de mail van 19 januari 2022 blijkt ook dat er minstens tijdens het gesprek tussen directielid en klager, waarvan deze mail melding maakt, inhoudelijk werd ingegaan op de spanningen tussen klager en een personeelslid. Hoewel klager meermaals volhoudt dat er onvoldoende sprake was van communicatie en motivering van de beslissing vanwege de directie, lijkt deze bewering vooral terug te slaan op de problematiek inzake zijn geweigerd ongestoord bezoek, waar klager ook ter zitting van de Klachtencommissie verschillende keren op terugkomt. Op basis van al deze elementen besluit de Klachtencommissie dat de directie haar verplichting inzake het gemotiveerd ter kennis brengen van de beslissing tot verhuis voldoende is nagekomen. De klacht is ongegrond.
De Klachtencommissie acht de beslissing tot verhuis van klager, ingegeven door de verstoorde relaties met het personeel van de afdeling en de impact die dit enerzijds had op het personeel en anderzijds op het leefklimaat op de afdeling, redelijk. Klager klaagt over het feit dat hij onvoldoende uitleg kreeg over de beslissing, waardoor hij de verhuis als een soort tweede straf beschouwde. Volgens de Klachtencommissie vindt deze bewering van klager onvoldoende steun in de stukken van het dossier evenals de verklaringen van de directie ter zitting. Uit het bijgebrachte mailverkeer en de verklaringen van de directie blijkt dat klager op verschillende momenten door maar liefst twee directieleden en twee penitentiaire beambten werd aangesproken over de verhuis. Uit de mail van 19 januari 2022 blijkt ook dat er minstens tijdens het gesprek tussen directielid en klager, waarvan deze mail melding maakt, inhoudelijk werd ingegaan op de spanningen tussen klager en een personeelslid. Hoewel klager meermaals volhoudt dat er onvoldoende sprake was van communicatie en motivering van de beslissing vanwege de directie, lijkt deze bewering vooral terug te slaan op de problematiek inzake zijn geweigerd ongestoord bezoek, waar klager ook ter zitting van de Klachtencommissie verschillende keren op terugkomt. Op basis van al deze elementen besluit de Klachtencommissie dat de directie haar verplichting inzake het gemotiveerd ter kennis brengen van de beslissing tot verhuis voldoende is nagekomen. De klacht is ongegrond.