TUCHT - GEINTERNEERDE - TOEREKENBAARHEID - MOTIVERING - GEEN BESLISSING VAN DE DIRECTEUR
De klachten gaan over agressie van cipiers met (verzonnen) medicatie en de tuchtbeslissing van 6 juni 2025 van de directie van de gevangenis van Gent.
- Agressie van cipiers met (verzonnen) medicatie
Het gedrag van cipiers betreft een louter feitelijk handelen dat geen verband houdt met de uitvoering van een beslissing van de directie, is geen beslissing van (of namens) de directie. Dit valt niet onder het toepassingsgebied van het beklagrecht.
De klacht is niet-ontvankelijk.
- De tuchtbeslissing
Gezien klager geïnterneerd is, is er minstens een vermoeden dat zijn handelen het gevolg is van een (psychiatrische) problematiek. Er wordt echter niet aangehaald met welke psychiatrische problemen klager kampte of wat de gevolgen daarvan konden zijn. Het is dan ook een raadsel hoe de directie heeft geoordeeld dat de (psychiatrische) problematiek van klager géén impact op zijn gedrag had.
De klachtencommissie wenst te benadrukken dat de bewijslast met betrekking tot de toerekenbaarheid van de feiten aan een geïnterneerde bij de directie ligt. Indien er – bijvoorbeeld op basis van het RAD – onvoldoende gegevens beschikbaar zijn om te oordelen of de tuchtrechtelijke inbreuk kan worden toegerekend, heeft de directie in principe andere middelen voorhanden, zoals een verslag van de PSD-psychiater. Het is de klachtencommissie niet onbekend dat deze dienst in de gevangenis geregeld onderbemand is, maar een dergelijke systeemfout neemt de motiveringsplicht van de directie niet weg.
De tuchtbeslissing voldoet niet aan de wettelijke voorwaarden, waardoor de klacht gegrond is.
De klachten gaan over agressie van cipiers met (verzonnen) medicatie en de tuchtbeslissing van 6 juni 2025 van de directie van de gevangenis van Gent.
- Agressie van cipiers met (verzonnen) medicatie
Het gedrag van cipiers betreft een louter feitelijk handelen dat geen verband houdt met de uitvoering van een beslissing van de directie, is geen beslissing van (of namens) de directie. Dit valt niet onder het toepassingsgebied van het beklagrecht.
De klacht is niet-ontvankelijk.
- De tuchtbeslissing
Gezien klager geïnterneerd is, is er minstens een vermoeden dat zijn handelen het gevolg is van een (psychiatrische) problematiek. Er wordt echter niet aangehaald met welke psychiatrische problemen klager kampte of wat de gevolgen daarvan konden zijn. Het is dan ook een raadsel hoe de directie heeft geoordeeld dat de (psychiatrische) problematiek van klager géén impact op zijn gedrag had.
De klachtencommissie wenst te benadrukken dat de bewijslast met betrekking tot de toerekenbaarheid van de feiten aan een geïnterneerde bij de directie ligt. Indien er – bijvoorbeeld op basis van het RAD – onvoldoende gegevens beschikbaar zijn om te oordelen of de tuchtrechtelijke inbreuk kan worden toegerekend, heeft de directie in principe andere middelen voorhanden, zoals een verslag van de PSD-psychiater. Het is de klachtencommissie niet onbekend dat deze dienst in de gevangenis geregeld onderbemand is, maar een dergelijke systeemfout neemt de motiveringsplicht van de directie niet weg.
De tuchtbeslissing voldoet niet aan de wettelijke voorwaarden, waardoor de klacht gegrond is.
Un dossier d'appel a été ouvert avec la référence BC/26-0152