Ga verder naar de inhoud

KC09/24-0448

Non fondée KC - Gent Commission des plaintes Mesure provisoire Disciplinaire
VOORLOPIGE MAATREGEL - TUCHT - OVERBEVOLKING - MEERSPERSOONSCEL - MOTIVERING

De klacht gaat over een voorlopige maatregel van 30 november 2024 en een tuchtbeslissing van 2 december 2024 van de directie van de gevangenis van Gent.

De klacht m.b.t. de voorlopige maatregel:
Klager werd uitgesloten van deelname aan activiteiten. De directie was van oordeel dat klager door het weigeren van een inkomende gedetineerde op cel de orde op sectie verstoorde, waardoor ook de interne werking van de gevangenis in het gedrang kwam. De klachtencommissie is van oordeel dat de directie hiermee voldoende heeft gemotiveerd waarom de orde in het gedrang kwam en waarom de veiligheidsmaatregel gerechtvaardigd was. De beslissing is niet onwettig, onredelijk of onevenredig. De klacht is ongegrond.

De klacht m.b.t. de tuchtbeslissing:
De tuchtprocedure werd opgestart naar aanleiding van een rapport aan de directeur (“RAD”) van 29 november 2024, opgesteld door een beambte, waarin werd vastgesteld dat klager een inkomende gedetineerde weigerde binnen te laten op zijn cel. Noch tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting van 2 december 2024, noch in zijn klacht voor de klachtencommissie betwist klager dat hij de extra persoon op cel weigerde. De directie kon de feiten dan ook als bewezen beschouwde en kwalificeerde deze naar het oordeel van de klachtencommissie terecht als de tuchtinbreuk “het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel” (inbreuk van de tweede categorie). Een voorwaardelijke sanctie van 7 dagen ATV is niet onwettig voor dergelijke tuchtrechtelijke inbreuk.

Klager kon, op het moment dat hem werd meegedeeld dat een vijfde persoon bij hem en zijn celgenoten zou worden geplaatst nog niet oordelen dat de situatie hoe dan ook onwettig zou worden. Aangezien niet wordt aangetoond dat het bevel om een vijfde persoon toe te laten op de tweepersoonscel van klager op zich onwettig was, kan klager zich ook niet beroepen op de rechtvaardigingsgrond van het niet respecteren van een onwettig bevel. De tuchtbeslissing is niet onwettig.
Gelet op het feit dat klager geen gevolg gaf aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel en de feiten erkende, acht de klachtencommissie de gegeven tuchtsanctie bovendien ook niet onredelijk. De klacht is ongegrond.