KC09/24-0261
Fondée
Irrecevable
KC - Gent
Commission des plaintes
Disciplinaire
Mesure d'ordre
TUCHT - GEÏNTERNEERDE - MOTIVERING - TOEREKENBAARHEID - ORDEMAATREGEL - BEVOEGDHEID
De klacht gaat over tuchtbeslissingen van 21, 26 en 29 augustus en over een ordemaatregel van 29 augustus 2024 en van de directie van de gevangenis van Gent.
De klacht over de tuchtbeslissingen van 21, 26 en 29 augustus 2024 is ontvankelijk en gegrond:
De Basiswet stelt dat een gedetineerde (in dit geval: geïnterneerde) enkel schuldig kan worden verklaard aan de hem ten laste gelegde tuchtinbreuk “wanneer de directeur, op grond van al het bewijsmateriaal waarover hij beschikt, de ten laste feiten bewezen acht en de daarvoor ter verantwoording geroepen gedetineerde daaraan schuldig acht.” De directie motiveert naar het oordeel van de klachtencommissie in geen van de 3 beslissingen waarom de feiten, ondanks het statuut van klager als geïnterneerde, aan klager konden worden toegerekend.
Er worden geen documenten of verklaringen toegevoegd of getuigen bevraagd waaruit meer duidelijkheid kon blijken over de toestand van klager op het moment van het plegen van de tuchtrechtelijke inbreuken. Gezien klager geïnterneerd is, is er minstens een vermoeden dat zijn handelen het gevolg is van een (psychiatrische) problematiek. Er wordt echter niet aangehaald met welke psychiatrische problemen klager kampte of wat de gevolgen daarvan konden zijn. Het is dan ook een raadsel hoe de directie heeft geoordeeld dat de (psychiatrische) problematiek van klager géén impact op zijn gedrag had. De tuchtbeslissingen voldoen niet aan de wettelijke voorwaarden, waardoor de klacht gegrond is.
De klacht over een ordemaatregel van 29 augustus 2024 is niet-ontvankelijk:
Volgens de directie werd op 29 augustus 2024 enkel een tuchtbeslissing, en geen ordemaatregel ten aanzien van klager genomen. Het dossier van klager bevat ook geen andere ordemaatregel. De klachtencommissie ziet geen reden om hieraan te twijfelen. Klager maakt zelf ook niet duidelijker wat de ordemaatregel inhield.
Deze klacht is daarom niet-ontvankelijk.
De klacht gaat over tuchtbeslissingen van 21, 26 en 29 augustus en over een ordemaatregel van 29 augustus 2024 en van de directie van de gevangenis van Gent.
De klacht over de tuchtbeslissingen van 21, 26 en 29 augustus 2024 is ontvankelijk en gegrond:
De Basiswet stelt dat een gedetineerde (in dit geval: geïnterneerde) enkel schuldig kan worden verklaard aan de hem ten laste gelegde tuchtinbreuk “wanneer de directeur, op grond van al het bewijsmateriaal waarover hij beschikt, de ten laste feiten bewezen acht en de daarvoor ter verantwoording geroepen gedetineerde daaraan schuldig acht.” De directie motiveert naar het oordeel van de klachtencommissie in geen van de 3 beslissingen waarom de feiten, ondanks het statuut van klager als geïnterneerde, aan klager konden worden toegerekend.
Er worden geen documenten of verklaringen toegevoegd of getuigen bevraagd waaruit meer duidelijkheid kon blijken over de toestand van klager op het moment van het plegen van de tuchtrechtelijke inbreuken. Gezien klager geïnterneerd is, is er minstens een vermoeden dat zijn handelen het gevolg is van een (psychiatrische) problematiek. Er wordt echter niet aangehaald met welke psychiatrische problemen klager kampte of wat de gevolgen daarvan konden zijn. Het is dan ook een raadsel hoe de directie heeft geoordeeld dat de (psychiatrische) problematiek van klager géén impact op zijn gedrag had. De tuchtbeslissingen voldoen niet aan de wettelijke voorwaarden, waardoor de klacht gegrond is.
De klacht over een ordemaatregel van 29 augustus 2024 is niet-ontvankelijk:
Volgens de directie werd op 29 augustus 2024 enkel een tuchtbeslissing, en geen ordemaatregel ten aanzien van klager genomen. Het dossier van klager bevat ook geen andere ordemaatregel. De klachtencommissie ziet geen reden om hieraan te twijfelen. Klager maakt zelf ook niet duidelijker wat de ordemaatregel inhield.
Deze klacht is daarom niet-ontvankelijk.