ORDEMAATREGEL - BEZOEK
De aangevochten beslissing betreft een ordemaatregel waarbij de toegang tot de gevangenis aan een bezoeker van klager, definitief wordt ontzegd.
De ordemaatregel werd door de directie opgelegd omdat klager na het laatste bezoek van deze persoon in het bezit was van drugs. De Klachtencommissie stelt vast dat de drugs werd gevonden tijdens een naaktfouille, die plaatsvond omdat door beambten aan de directeur gerapporteerd werd dat er sprake was van “verdachte handelingen” tijdens het bezoek. Gelet op het feit dat bij de naaktfouille inderdaad drugs aangetroffen werd, is de besluitvorming van de directie naar het oordeel van de Klachtencommissie correct en niet onredelijk. De Klachtencommissie kan dan ook begrijpen dat naar aanleiding van deze vaststellingen de toegang tot de gevangenis aan de bezoeker werd ontzegd.
De Klachtencommissie kan zich echter niet vinden in het “definitief” karakter van deze beslissing. De aan de gedetineerde opgelegde plichten en beperkingen van rechten met het oog op de handhaving van de orde en veiligheid moeten, zowel door hun aard als door hun duur, in verhouding staan tot deze doelstellingen
Een definitieve ontzegging van het bezoek staat haaks op dit principe. Minstens had de ordemaatregel naar het oordeel van de Klachtencommissie beperkt moeten worden in de tijd. Ook in de Collectieve brief nr. 105 (zie p. 2) wordt bepaald dat een gedetineerde drie maanden na de beslissing van de directeur waarbij het bezoek geweigerd of ontzegd wordt, een nieuwe aanvraag kan indienen. Klager werd in dat opzicht volgens de Klachtencommissie in de ordemaatregel verkeerd, of minstens onvolledig, ingelicht.
De klacht is gegrond
De aangevochten beslissing betreft een ordemaatregel waarbij de toegang tot de gevangenis aan een bezoeker van klager, definitief wordt ontzegd.
De ordemaatregel werd door de directie opgelegd omdat klager na het laatste bezoek van deze persoon in het bezit was van drugs. De Klachtencommissie stelt vast dat de drugs werd gevonden tijdens een naaktfouille, die plaatsvond omdat door beambten aan de directeur gerapporteerd werd dat er sprake was van “verdachte handelingen” tijdens het bezoek. Gelet op het feit dat bij de naaktfouille inderdaad drugs aangetroffen werd, is de besluitvorming van de directie naar het oordeel van de Klachtencommissie correct en niet onredelijk. De Klachtencommissie kan dan ook begrijpen dat naar aanleiding van deze vaststellingen de toegang tot de gevangenis aan de bezoeker werd ontzegd.
De Klachtencommissie kan zich echter niet vinden in het “definitief” karakter van deze beslissing. De aan de gedetineerde opgelegde plichten en beperkingen van rechten met het oog op de handhaving van de orde en veiligheid moeten, zowel door hun aard als door hun duur, in verhouding staan tot deze doelstellingen
Een definitieve ontzegging van het bezoek staat haaks op dit principe. Minstens had de ordemaatregel naar het oordeel van de Klachtencommissie beperkt moeten worden in de tijd. Ook in de Collectieve brief nr. 105 (zie p. 2) wordt bepaald dat een gedetineerde drie maanden na de beslissing van de directeur waarbij het bezoek geweigerd of ontzegd wordt, een nieuwe aanvraag kan indienen. Klager werd in dat opzicht volgens de Klachtencommissie in de ordemaatregel verkeerd, of minstens onvolledig, ingelicht.
De klacht is gegrond