KC06/25-0292
Fondée
KC - Dendermonde
Commission des plaintes
Autre décision directeur
CELCONTROLE - MOTIVERING - UITVOERING - TEGEMOETKOMING
De celcontrole werd uitgevoerd in het kader van artikel 109 van de Basiswet. Het personeel volgt hierbij de richtlijnen van het inrichtingshoofd. De celcontrole vond plaats, aangezien de directie, op basis van concrete aanwijzingen, een individueel gemotiveerde celcontrole had bevolen. Het gaat dus in dit geval om een beslissing van de directie.
De klacht is ook gericht tegen de uitvoering van de celcontrole. Ook tegen de uitvoering van een celcontrole, die namens de directie wordt uitgevoerd, kan klacht worden ingediend bij de klachtencommissie.
De klacht is ontvankelijk.
Wat de beslissing tot het uitvoeren van de celcontrole betreft, stelt de klachtencommissie vast dat de directie deze verantwoordt met de stelling dat er ‘concrete aanwijzingen’ zouden zijn geweest dat zich verboden substanties in de cel van klager bevonden. De klachtencommissie merkt op dat deze motivering eerder vaag blijft en niet nader wordt gespecificeerd. Daarbij neemt zij in aanmerking dat klager kort voordien, bij zijn terugkeer van een uitgaansvergunning, reeds werd onderworpen aan een naaktfouille, waarbij geen onregelmatigheden werden vastgesteld. Tegen deze achtergrond acht de klachtencommissie de motivering van de beslissing tot celcontrole weinig concreet onderbouwd.
De wijze van uitvoering van een celcontrole wordt verder uitgelegd in Collectieve Brief nr. 141 van 30 januari 2017 ‘Het onderzoek aan de kledij, de fouillering op het lichaam en het onderzoek van de verblijfsruimte’ en de bijlage 5 bij deze Collectieve Brief ‘Onderzoek van de verblijfsruimte’. Deze bijlage stelt hierover het volgende: ‘Het onderzoek van de verblijfsruimte dient te gebeuren met eerbiediging van de waardigheid en de persoonlijke levenssfeer van de gedetineerde. Na de beëindiging van het onderzoek wordt alles in de oorspronkelijke staat terug gesteld.’. Uit het verweer van de directie blijkt dat deze de aantijgingen van klager, namelijk dat persoonlijke goederen zoals zout, koffie en suiker zouden zijn uitgegoten, dat de cel in een wanordelijke toestand werd achtergelaten en dat een bord werd gebroken, niet weerlegt. Bij gebreke aan betwisting neemt de klachtencommissie deze aantijgingen voor waar aan.
De klachtencommissie merkt nog op dat in de kennisgeving van de celcontrole een foutief celnummer werd vermeld. Zij beschouwt dit evenwel als een materiële vergissing, nu uit het verweer van de directie blijkt dat wel degelijk de opdracht werd gegeven om de verblijfsruimte van klager te controleren.
Om deze redenen is de klacht gegrond.
De gevolgen van de vernietigde beslissing kunnen niet meer ongedaan gemaakt worden, zodat klager een tegemoetkoming kan krijgen. Klager vroeg in zijn klacht 60 belminuten als tegemoetkoming.
Aangezien klager inmiddels in de gevangenis van Beveren verblijft en de klacht betrekking heeft op de gevangenis van Dendermonde, waar zij gegrond werd verklaard, werd aan de gevangenis van Beveren een reactie gevraagd over de tegemoetkoming. Deze luidt als volgt: ‘Uitvoerbaar voor ons.’.
De klachtencommissie kent aan klager 15 belminuten toe tegen het nationaal tarief voor gesprekken naar een vast toestel en heeft daarbij rekening gehouden met de gegevens van de zaak, de gronden waarop de klacht gegrond is en het ondergane nadeel.
De celcontrole werd uitgevoerd in het kader van artikel 109 van de Basiswet. Het personeel volgt hierbij de richtlijnen van het inrichtingshoofd. De celcontrole vond plaats, aangezien de directie, op basis van concrete aanwijzingen, een individueel gemotiveerde celcontrole had bevolen. Het gaat dus in dit geval om een beslissing van de directie.
De klacht is ook gericht tegen de uitvoering van de celcontrole. Ook tegen de uitvoering van een celcontrole, die namens de directie wordt uitgevoerd, kan klacht worden ingediend bij de klachtencommissie.
De klacht is ontvankelijk.
Wat de beslissing tot het uitvoeren van de celcontrole betreft, stelt de klachtencommissie vast dat de directie deze verantwoordt met de stelling dat er ‘concrete aanwijzingen’ zouden zijn geweest dat zich verboden substanties in de cel van klager bevonden. De klachtencommissie merkt op dat deze motivering eerder vaag blijft en niet nader wordt gespecificeerd. Daarbij neemt zij in aanmerking dat klager kort voordien, bij zijn terugkeer van een uitgaansvergunning, reeds werd onderworpen aan een naaktfouille, waarbij geen onregelmatigheden werden vastgesteld. Tegen deze achtergrond acht de klachtencommissie de motivering van de beslissing tot celcontrole weinig concreet onderbouwd.
De wijze van uitvoering van een celcontrole wordt verder uitgelegd in Collectieve Brief nr. 141 van 30 januari 2017 ‘Het onderzoek aan de kledij, de fouillering op het lichaam en het onderzoek van de verblijfsruimte’ en de bijlage 5 bij deze Collectieve Brief ‘Onderzoek van de verblijfsruimte’. Deze bijlage stelt hierover het volgende: ‘Het onderzoek van de verblijfsruimte dient te gebeuren met eerbiediging van de waardigheid en de persoonlijke levenssfeer van de gedetineerde. Na de beëindiging van het onderzoek wordt alles in de oorspronkelijke staat terug gesteld.’. Uit het verweer van de directie blijkt dat deze de aantijgingen van klager, namelijk dat persoonlijke goederen zoals zout, koffie en suiker zouden zijn uitgegoten, dat de cel in een wanordelijke toestand werd achtergelaten en dat een bord werd gebroken, niet weerlegt. Bij gebreke aan betwisting neemt de klachtencommissie deze aantijgingen voor waar aan.
De klachtencommissie merkt nog op dat in de kennisgeving van de celcontrole een foutief celnummer werd vermeld. Zij beschouwt dit evenwel als een materiële vergissing, nu uit het verweer van de directie blijkt dat wel degelijk de opdracht werd gegeven om de verblijfsruimte van klager te controleren.
Om deze redenen is de klacht gegrond.
De gevolgen van de vernietigde beslissing kunnen niet meer ongedaan gemaakt worden, zodat klager een tegemoetkoming kan krijgen. Klager vroeg in zijn klacht 60 belminuten als tegemoetkoming.
Aangezien klager inmiddels in de gevangenis van Beveren verblijft en de klacht betrekking heeft op de gevangenis van Dendermonde, waar zij gegrond werd verklaard, werd aan de gevangenis van Beveren een reactie gevraagd over de tegemoetkoming. Deze luidt als volgt: ‘Uitvoerbaar voor ons.’.
De klachtencommissie kent aan klager 15 belminuten toe tegen het nationaal tarief voor gesprekken naar een vast toestel en heeft daarbij rekening gehouden met de gegevens van de zaak, de gronden waarop de klacht gegrond is en het ondergane nadeel.