TUCHT - CAMERABEELDEN - RECHTEN VAN VERDEDIGING
De klacht betreft een tuchtbeslissing van de directie van de gevangenis van Dendermonde.
De directie heeft na de tuchtrechtelijke hoorzitting de camerabeelden bekeken. Meteen nadien heeft zij, zonder de camerabeelden eerste te laten zien aan klager en zijn raadsman, een tuchtbeslissing genomen. De directie heeft een tuchtsanctie van 30 dagen ATV voor de inbreuk van de eerste categorie “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee” opgelegd.
Van zodra de directie beslist om camerabeelden te bekijken en haar besluitvorming (mee) tot stand komt op basis van deze beelden, maken deze beelden deel uit van het tuchtdossier en moeten deze aan tegenspraak worden onderworpen alvorens een tuchtbeslissing mag worden genomen. Dit vloeit voor uit het algemene beginsel van het recht van verdediging, dat inhoudt dat een tuchtsanctie pas kan worden opgelegd nadat de betrokkene de gelegenheid heeft gekregen zich nuttig te verdedigen ten aanzien van de tegen hem ingebrachte beschuldigingen. De rechten van verdediging van een gedetineerde zijn geschonden indien blijkt dat hij geen tegenspraak heeft kunnen voeren over gegevens die van essentieel belang konden zijn voor de beoordeling van de tenlastelegging en de geloofwaardigheid van zijn verweer.
In voorliggende zaak werden de beelden door de directie bekeken en bovendien als bewijs voor de tuchtrechtelijke inbreuk gehanteerd, zonder dat klager en zijn raadsman hierover tegenspraak konden voeren. Hierdoor is het recht van verdediging geschonden, waardoor de tuchtbeslissing van 29/07/2025 op onwettige wijze tot stand is gekomen. Om deze redenen is de klacht gegrond.
De klacht betreft een tuchtbeslissing van de directie van de gevangenis van Dendermonde.
De directie heeft na de tuchtrechtelijke hoorzitting de camerabeelden bekeken. Meteen nadien heeft zij, zonder de camerabeelden eerste te laten zien aan klager en zijn raadsman, een tuchtbeslissing genomen. De directie heeft een tuchtsanctie van 30 dagen ATV voor de inbreuk van de eerste categorie “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee” opgelegd.
Van zodra de directie beslist om camerabeelden te bekijken en haar besluitvorming (mee) tot stand komt op basis van deze beelden, maken deze beelden deel uit van het tuchtdossier en moeten deze aan tegenspraak worden onderworpen alvorens een tuchtbeslissing mag worden genomen. Dit vloeit voor uit het algemene beginsel van het recht van verdediging, dat inhoudt dat een tuchtsanctie pas kan worden opgelegd nadat de betrokkene de gelegenheid heeft gekregen zich nuttig te verdedigen ten aanzien van de tegen hem ingebrachte beschuldigingen. De rechten van verdediging van een gedetineerde zijn geschonden indien blijkt dat hij geen tegenspraak heeft kunnen voeren over gegevens die van essentieel belang konden zijn voor de beoordeling van de tenlastelegging en de geloofwaardigheid van zijn verweer.
In voorliggende zaak werden de beelden door de directie bekeken en bovendien als bewijs voor de tuchtrechtelijke inbreuk gehanteerd, zonder dat klager en zijn raadsman hierover tegenspraak konden voeren. Hierdoor is het recht van verdediging geschonden, waardoor de tuchtbeslissing van 29/07/2025 op onwettige wijze tot stand is gekomen. Om deze redenen is de klacht gegrond.