KC06/25-0090
Non fondée
Irrecevable
KC - Dendermonde
Commission des plaintes
Disciplinaire
Mesure d'ordre
TUCHT - ARBEID - ONTSLAG
De eerste klacht gaat over de tuchtbeslissing genomen door de directie van de gevangenis van Dendermonde. De tweede klacht gaat over afzetting van werk in de gevangenis van Dendermonde.
De tuchtbeslissing werd opgelegd na een incident dat zich voordeed na de wandeling. Klager meldde zich niet na het afroepen van zijn sectie, waardoor de normale werking van de orde verstoord werd. Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens “de opzettelijke aantasting van de orde”, en wegens “het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel”. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was gelet op de feiten die door klager niet betwist worden. De tuchtbeslissing blijft om deze redenen dan ook bestaan.
Wat betreft de afzetting van werk stelt de klachtencommissie vast dat klager in zijn klacht stelt dat hij onterecht zijn werk kwijt is. Uit het verweer van de directie blijkt evenwel dat er geen ordemaatregel werd genomen waardoor klager zou zijn ontslagen. Bij gebreke aan een beslissing van de directeur, besluit de klachtencommissie dat deze klacht kennelijk niet ontvankelijk is. De klachtencommissie kan de klacht niet inhoudelijk beoordelen.
De eerste klacht gaat over de tuchtbeslissing genomen door de directie van de gevangenis van Dendermonde. De tweede klacht gaat over afzetting van werk in de gevangenis van Dendermonde.
De tuchtbeslissing werd opgelegd na een incident dat zich voordeed na de wandeling. Klager meldde zich niet na het afroepen van zijn sectie, waardoor de normale werking van de orde verstoord werd. Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens “de opzettelijke aantasting van de orde”, en wegens “het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel”. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was gelet op de feiten die door klager niet betwist worden. De tuchtbeslissing blijft om deze redenen dan ook bestaan.
Wat betreft de afzetting van werk stelt de klachtencommissie vast dat klager in zijn klacht stelt dat hij onterecht zijn werk kwijt is. Uit het verweer van de directie blijkt evenwel dat er geen ordemaatregel werd genomen waardoor klager zou zijn ontslagen. Bij gebreke aan een beslissing van de directeur, besluit de klachtencommissie dat deze klacht kennelijk niet ontvankelijk is. De klachtencommissie kan de klacht niet inhoudelijk beoordelen.