KC06/24-0081
Fondée
KC - Dendermonde
Commission des plaintes
Fouille à corps
FOUILLE OP HET LICHAAM - WANDELING
De klacht betreft de beslissing tot fouillering op het lichaam van de directie van de gevangenis.
In de motivering van een beslissing tot fouillering op het lichaam zijn twee elementen vereist:
1) Het bestaan van individuele aanwijzingen dat de gedetineerde in het bezit zou zijn van verboden of gevaarlijke voorwerpen of substanties.
De fouillering op het lichaam kan zowel reactief (n.a.v. gedragingen op het moment) als proactief (op basis van incidenten uit het verleden) ingezet worden. In het voorliggend dossier werd de fouillering reactief ingezet naar aanleiding van een verdachte handeling op de wandeling.
De klachtencommissie meent dat er in het voorliggend dossier inderdaad sprake was van een individuele aanwijzing dat klager in het bezit zou zijn (lees: kunnen zijn) van verboden of gevaarlijke voorwerpen of substanties.
2) Het onderzoek aan de kledij (en de metaaldetectie) volstaat niet om met zekerheid vast te stellen dat de gedetineerde niet in het bezit is van deze voorwerpen of substanties
In het voorliggend dossier bevat de beslissing géén motieven die aangeven waarom een onderzoek aan de kledij niet volstaat. De klacht is gegrond.
De klacht betreft de beslissing tot fouillering op het lichaam van de directie van de gevangenis.
In de motivering van een beslissing tot fouillering op het lichaam zijn twee elementen vereist:
1) Het bestaan van individuele aanwijzingen dat de gedetineerde in het bezit zou zijn van verboden of gevaarlijke voorwerpen of substanties.
De fouillering op het lichaam kan zowel reactief (n.a.v. gedragingen op het moment) als proactief (op basis van incidenten uit het verleden) ingezet worden. In het voorliggend dossier werd de fouillering reactief ingezet naar aanleiding van een verdachte handeling op de wandeling.
De klachtencommissie meent dat er in het voorliggend dossier inderdaad sprake was van een individuele aanwijzing dat klager in het bezit zou zijn (lees: kunnen zijn) van verboden of gevaarlijke voorwerpen of substanties.
2) Het onderzoek aan de kledij (en de metaaldetectie) volstaat niet om met zekerheid vast te stellen dat de gedetineerde niet in het bezit is van deze voorwerpen of substanties
In het voorliggend dossier bevat de beslissing géén motieven die aangeven waarom een onderzoek aan de kledij niet volstaat. De klacht is gegrond.