KC06/24-0043
Fondée
KC - Dendermonde
Commission des plaintes
Disciplinaire
Fouille à corps
FOUILLE LICHAAM - TUCHT - SANCTIE - TEGEMOETKOMING
De directie moet in de beslissing tot fouillering op het lichaam motiveren waarom een onderzoek aan de kledij niet volstaat om na te gaan of de gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn. De individuele aanwijzingen moeten bovendien geconcretiseerd worden. Dit principe werd al meermaals bevestigd door de beroepscommissie bij de Centrale toezichtsraad voor het gevangeniswezen en blijkt ook duidelijk uit de formulering van het door de directie in te vullen sjabloon.
De klachtencommissie kan uit de motivering van de beslissing tot fouille aan het lichaam niet afleiden dat een onderzoek aan de kledij in dit geval onvoldoende was. Om die reden is de klacht tegen de fouille gegrond.
Klager werd gesanctioneerd voor ‘het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen’, een tuchtinbreuk van de tweede categorie. De basiswet bepaalt dat voor deze tuchtinbreuk maximaal een bezoekverbod van 15 dagen opgelegd kan worden.
Aldus is de opgelegde tuchtsanctie in strijd met de Basiswet. De klacht tegen de tuchtbeslissing is dan ook gegrond.
Klager kon door deze tuchtsanctie niet genieten van zijn ongestoord bezoek. De klachtencommissie kent om die reden aan klager een tegemoetkoming toe van één extra ongestoord bezoek.
De directie moet in de beslissing tot fouillering op het lichaam motiveren waarom een onderzoek aan de kledij niet volstaat om na te gaan of de gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn. De individuele aanwijzingen moeten bovendien geconcretiseerd worden. Dit principe werd al meermaals bevestigd door de beroepscommissie bij de Centrale toezichtsraad voor het gevangeniswezen en blijkt ook duidelijk uit de formulering van het door de directie in te vullen sjabloon.
De klachtencommissie kan uit de motivering van de beslissing tot fouille aan het lichaam niet afleiden dat een onderzoek aan de kledij in dit geval onvoldoende was. Om die reden is de klacht tegen de fouille gegrond.
Klager werd gesanctioneerd voor ‘het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen’, een tuchtinbreuk van de tweede categorie. De basiswet bepaalt dat voor deze tuchtinbreuk maximaal een bezoekverbod van 15 dagen opgelegd kan worden.
Aldus is de opgelegde tuchtsanctie in strijd met de Basiswet. De klacht tegen de tuchtbeslissing is dan ook gegrond.
Klager kon door deze tuchtsanctie niet genieten van zijn ongestoord bezoek. De klachtencommissie kent om die reden aan klager een tegemoetkoming toe van één extra ongestoord bezoek.