Ga verder naar de inhoud

KC06/22-0007

Non fondée KC - Dendermonde Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - VERBODEN VOORWERPEN

De klacht is gericht tegen een tuchtbeslissing. De Klachtencommissie is bevoegd om na te gaan of de feitenvinding zorgvuldig gebeurde, of er werd uitgegaan van de juiste feitelijke gegevens en of de directie haar appreciatiebevoegdheid op een zorgvuldige wijze uitoefende. Het is niet de bedoeling dat de Klachtencommissie zich in de plaats stelt van de directie. Het valt binnen de appreciatiemarge van de directie om te beslissen of de haar voorgelegde feiten voldoende bewezen zijn om de gedetineerde hiervoor tuchtrechtelijk te bestraffen. De Klachtencommissie kan wel nagaan of de directie op basis van de beschikbare gegevens in redelijkheid en billijkheid de feiten bewezen achtte. De Klachtencommissie verwijst naar het duidelijk en nauwkeurig opgestelde RAD. Daarnaast brengt klager ook geen nieuwe elementen aan waardoor aan de inhoud van dit RAD getwijfeld moet worden. Hij ontkent enkel het feit dat hij het verboden voorwerp gemaakt heeft en zelf in zijn zak stak. Het geïmproviseerde mes werd wel bij klager aangetroffen na fouille. Het bezit van het voorwerp staat dan ook vast. De tuchtinbreuk is bewezen. Het is de uitsluitende verantwoordelijkheid van klager om ervoor te zorgen dat hij niet in het bezit is (of wordt gesteld) van verboden voorwerpen. De klacht is ongegrond.