Ga verder naar de inhoud

KC05/26-0197

Fondée KC - Brugge Commission des plaintes Disciplinaire Mesure d'ordre Fouille à corps
FOUILLE LICHAAM -TUCHT - ORDEMAATREGEL - MUTATIE - ARBEID - TEGEMOETKOMING

De klager stelde in zijn klacht dat een andere directeur ondertekende dan degene wiens naam vanboven wordt vermeld. De klachtencommissie meende echter dat de beslissing rechtsgeldig is zolang deze werd ondertekend door één van de directeurs.

Verder oordeelt ze dat de beslissing tot fouillering op het lichaam geen individuele aanwijzingen bevat dat de klager bepaalde zaken verborgen zou hebben op het lichaam. De directie stelt dat een fouillering aan de kledij onvoldoende is, maar motiveert op geen enkele manier waarom dit zo zou zijn.
De klachtencommissie neemt de plaatsing in de veiligheidscel aan als reden voor de fouillering, maar benadrukt dat een procedure waarbij gedetineerden steeds naakt gefouilleerd worden bij de plaatsing in de beveiligde cel of strafcel niet toegestaan is.

Naar aanleiding van twee rapporten aan de directeur werd de klager gesanctioneerd. Klager stelt in zijn klacht dat hij het tweede RAD hem slechts ter zitting ter kennis werd gebracht. De directie ontkent dit niet in haar verweer, maar meende dat de klager voldoende kennis had van de inhoud van het RAD. De klachtencommissie oordeelt dat de rechten van verdediging van de klager geschonden werden.
Wat het eerste RAD betreft (naar aanleiding van een gevecht met een celgenoot), motiveert de directie onvoldoende waarom volgens haar geen sprake kan zijn van wettige zelfverdediging. De klachtencommissie is dan ook van oordeel dat een schending kan worden vastgesteld van de zorgvuldigheidsplicht.

De klager stelt dat het document geen betrekking heeft op hem aangezien zijn naam fout geschreven is. De klachtencommissie is echter van oordeel dat het gaat om een materiële fout die de rechtsgeldigheid van de beslissing niet aantast. Verder oordeelt de klachtencommissie dat de directie onvoldoende kan aantonen dat klager een gevecht gestart is en dus sprake is van laakbaar gedrag van de klager. Bijgevolg kan zo een gedrag ook niet de aanleiding zijn voor een overplaatsing van de klager naar een gesloten regime.

De klachtencommissie is van oordeel dat de directie onvoldoende kan aantonen dat de klager een gevecht gestart is en dus sprake is van laakbaar gedrag van de klager. Bijgevolg kan zo een gedrag ook niet de aanleiding zijn voor een afzetting van werk van klager uit zijn vertrouwensfunctie.

Bij de controle van goederen van de klager naar aanleiding van zijn mutatie naar het gesloten regime werden verschillende goederen aangetroffen die niet op zijn toelatingsfiche stonden. Klager meende dat hij niet op de hoogte was van het feit dat hiervoor een papier getekend diende te worden. De klachtencommissie oordeelde dat bij aankomst in de gevangenis gedetineerden een exemplaar krijgen van het huishoudelijk reglement en dus dat klager had moeten weten dat dit niet toegelaten is.

De klachtencommissie kent 1 pakje tabak per vernietigende beslissing, 4 in totaal toe, uit het in de gevangenis beschikbare aanbod als tegemoetkoming.
Un dossier d'appel a été ouvert avec la référence BC/26-0279