Ga verder naar de inhoud

KC05/24-0081

Fondée KC - Brugge Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT – KWALIFICATIE INBREUK – SANCTIE

Klager heeft klacht ingediend tegen een bijzondere tuchtsanctie van dertig dagen glasbezoek wegens enerzijds één tuchtinbreuk van eerste categorie, zijnde de wederrechtelijke ontvreemding van goederen en anderzijds één tuchtinbreuk van tweede categorie, zijnde het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen. De klachtencommissie stelt vast dat de directie klager eigenlijk niet schuldig achtte aan de wederrechtelijke ontvreemding van goederen, maar aan de opzettelijke aantasting van de orde. Dit blijkt duidelijk uit de tuchtbeslissing, die degelijk gemotiveerd is. Het aankruisen van de verkeerde tuchtinbreuk blijkt zodoende een materiële vergissing. De directie kon klager terecht schuldig achten aan de twee vermelde tuchtinbreuken.

De tuchtsanctie die klager kreeg, was wegens onregelmatigheden tijdens het bezoek van één bepaalde bezoeker. De klachtencommissie stelt vast dat de sanctie echter een impact had op alle bezoekers van klager. Waarom de tuchtsanctie zo algemeen werd bepaald, werd niet gemotiveerd in de tuchtbeslissing. Hetzelfde geldt voor het ontzeggen van het binnenhuisbezoek tussen klager en zijn partner als feitelijk gevolg van de tuchtbeslissing. Op basis van deze redenen is de klacht ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie vernietigt de bestreden tuchtbeslissing en stelt haar beslissing in de plaats van de vernietigde beslissing.