KC05/24-0035
Non fondée
Fondée
KC - Brugge
Commission des plaintes
Autre décision directeur
Disciplinaire
VERBODEN VOORWERPEN – TUCHT
Klager heeft drie klachten ingediend.
De eerste klacht is gericht tegen de inbeslagname van klagers gsm-toestel. Na zijn terugkomst uit beperkte detentie werd vastgesteld dat hij een gsm-toestel probeerde binnen te smokkelen. Hij werd hiervoor tuchtrechtelijk gesanctioneerd (zie de tweede klacht). Enkele dagen voor de tuchtbeslissing besliste de directie echter al om het gsm-toestel in beslag te nemen en definitief te deponeren. Hierdoor heeft de directie een beslissing genomen met een draagwijdte die zich ook uitstrekt buiten de gevangenismuren, aangezien klager deze gsm gebruikt in het kader van zijn beperkte detentie. De klachtencommissie is van oordeel dat de directie op grond van de Basiswet enkel beslissingen kan nemen over het gebruik en bezit van voorwerpen binnen de gevangenismuren. Zij is niet bevoegd om een beslissing te nemen over het gebruik of bezit van voorwerpen buiten de gevangenismuren. Aangezien klagers gsm-toestel, naar aanleiding van foutief gedrag binnen de gevangenismuren, definitief in beslag werd genomen en hij hierdoor op geen enkel moment meer kon beschikken over dit toestel, heeft de directie ook een beslissing genomen die ingrijpt in de externe rechtspositie van klager, zijnde in het kader van een door de strafuitvoeringsrechtbank toegekende strafuitvoeringsmodaliteit. De eerste klacht is ontvankelijk en gegrond.
De tweede klacht is gericht tegen een tuchtsanctie van dertig dagen ATV wegens één tuchtinbreuk van eerste categorie, zijnde het bezit of gebruik van technologische middelen die onregelmatige communicatie met de buitenwereld mogelijk maken. De klachtencommissie stelt vast dat klager op zich niet betwist – ook al niet tijdens de tuchtzitting – dat hij inderdaad zijn gsm-toestel de gevangenis probeerde binnen te smokkelen. De directie kon klager terecht schuldig achten aan de aangekruiste tuchtinbreuk. Dat zij klager hiervoor sanctioneerde met dertig dagen ATV, wat het maximum is voor een tuchtinbreuk van eerste categorie, valt binnen haar discretionaire bevoegdheid. De tweede klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.
De derde klacht is gericht tegen de laattijdige betekening van een tuchtsanctie. De klachtencommissie stelt vast dat de schriftelijke betekening buiten de termijn van 24 uur is gebeurd, maar acht dit niet onwettig, onredelijk of onbillijk. De Basiswet verbindt geen sancties aan de laattijdige betekening van een tuchtbeslissing en de overschrijding van de termijn in dit dossier is zeer beperkt. De derde klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.
Klager heeft drie klachten ingediend.
De eerste klacht is gericht tegen de inbeslagname van klagers gsm-toestel. Na zijn terugkomst uit beperkte detentie werd vastgesteld dat hij een gsm-toestel probeerde binnen te smokkelen. Hij werd hiervoor tuchtrechtelijk gesanctioneerd (zie de tweede klacht). Enkele dagen voor de tuchtbeslissing besliste de directie echter al om het gsm-toestel in beslag te nemen en definitief te deponeren. Hierdoor heeft de directie een beslissing genomen met een draagwijdte die zich ook uitstrekt buiten de gevangenismuren, aangezien klager deze gsm gebruikt in het kader van zijn beperkte detentie. De klachtencommissie is van oordeel dat de directie op grond van de Basiswet enkel beslissingen kan nemen over het gebruik en bezit van voorwerpen binnen de gevangenismuren. Zij is niet bevoegd om een beslissing te nemen over het gebruik of bezit van voorwerpen buiten de gevangenismuren. Aangezien klagers gsm-toestel, naar aanleiding van foutief gedrag binnen de gevangenismuren, definitief in beslag werd genomen en hij hierdoor op geen enkel moment meer kon beschikken over dit toestel, heeft de directie ook een beslissing genomen die ingrijpt in de externe rechtspositie van klager, zijnde in het kader van een door de strafuitvoeringsrechtbank toegekende strafuitvoeringsmodaliteit. De eerste klacht is ontvankelijk en gegrond.
De tweede klacht is gericht tegen een tuchtsanctie van dertig dagen ATV wegens één tuchtinbreuk van eerste categorie, zijnde het bezit of gebruik van technologische middelen die onregelmatige communicatie met de buitenwereld mogelijk maken. De klachtencommissie stelt vast dat klager op zich niet betwist – ook al niet tijdens de tuchtzitting – dat hij inderdaad zijn gsm-toestel de gevangenis probeerde binnen te smokkelen. De directie kon klager terecht schuldig achten aan de aangekruiste tuchtinbreuk. Dat zij klager hiervoor sanctioneerde met dertig dagen ATV, wat het maximum is voor een tuchtinbreuk van eerste categorie, valt binnen haar discretionaire bevoegdheid. De tweede klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.
De derde klacht is gericht tegen de laattijdige betekening van een tuchtsanctie. De klachtencommissie stelt vast dat de schriftelijke betekening buiten de termijn van 24 uur is gebeurd, maar acht dit niet onwettig, onredelijk of onbillijk. De Basiswet verbindt geen sancties aan de laattijdige betekening van een tuchtbeslissing en de overschrijding van de termijn in dit dossier is zeer beperkt. De derde klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.