Ga verder naar de inhoud

KC05/23-0175

Fondée Compensation KC - Brugge Commission des plaintes Mesure de sécurité particulière
BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL – MOTIVERING – TEGEMOETKOMING

Klager heeft twee klachten ingediend.

De eerste klacht (KC05/23-0170) is gericht tegen het opleggen van een bijzondere veiligheidsmaatregel. De klachtencommissie brengt hierbij in herinnering dat bijzondere veiligheidsmaatregelen onder geen voorwendsel het karakter mogen hebben van een tuchtsanctie. De bestreden veiligheidsmaatregel werd volgens de klachtencommissie echter opgelegd vanuit een bestraffend oogmerk. Uit de beschikbare documenten en de daarin gehanteerde formuleringen blijkt dat de directie klager duidelijk schuldig achtte aan bepaalde tuchtinbreuken. Waarom de directie op een tuchtzitting besliste om een bijzondere veiligheidsmaatregel op te leggen, niettegenstaande zij klager duidelijk schuldig achtte aan meerdere tuchtinbreuken, is in de loop van de beklagprocedure niet duidelijk geworden. Deze eerste klacht is ontvankelijk en gegrond.

De tweede klacht (KC05/23-0175) is gericht tegen de eerste verlenging van de bijzondere veiligheidsmaatregel. Deze eerste verlenging is gebaseerd op een initieel onwettige beslissing. Hoewel een beslissing tot verlenging van een bijzondere veiligheidsmaatregel enerzijds een nieuwe, afzonderlijke beslissing is (die bv. ook afzonderlijk kan worden aangevochten bij de klachtencommissie), betreft het anderzijds en tezelfdertijd ook de verlenging van een alreeds bestaande maatregel. Een onwettige beslissing kan niet rechtsgeldig worden verlengd. Deze tweede klacht is ontvankelijk en gegrond.

De klachtencommissie meent dat de gevolgen van de vernietigde beslissingen uit de eerste klacht en tweede klacht niet ongedaan kunnen worden gemaakt. Zij kent aan klager de tegemoetkoming toe van twee douchemomenten in de namiddag in plaats van in de voormiddag, wat moet worden georganiseerd binnen een termijn van één maand na kennisgeving van deze beslissing aan de directie.