Ga verder naar de inhoud

KC05/22-0194

Fondée KC - Brugge Commission des plaintes Fouille à corps
FOUILLE LICHAAM – MOTIVERING

Klager heeft klacht ingediend tegen een fouillering op zijn lichaam. De motivering van de bestreden beslissing luidt: “Er zijn vermoedens dat betrokkene in verboden substanties handelt”. Uit deze summiere vermelding blijkt naar het oordeel van de klachtencommissie geenszins waarom in het specifieke geval van klager een fouillering op zijn lichaam gerechtvaardigd was. Zo kan uit de beslissing niet worden afgeleid waarom er in het geval van klager sprake zou geweest zijn van ‘vermoedens dat betrokkene in verboden substanties handelt’. Dit wordt op geen enkele manier nader gemotiveerd of enigszins aannemelijk gemaakt. De directie haalt in haar verweer aan dat zij wel degelijk over bepaalde individuele aanwijzingen beschikte. Dergelijke motieven moesten volgens de klachtencommissie in de beslissing tot fouillering op het lichaam worden vermeld. Het achteraf aanhalen van deze motieven in het kader van een procedure voor de klachtencommissie, volstaat niet. Deze klacht is ontvankelijk en gegrond.