TUCHT - MOTIVERING - SCHORSING
De directie moet, bij de keuze van de aard en de omvang van de tuchtsanctie, rekening moet houden met de ernst van de inbreuk, met de omstandigheden waarin zij plaatsvond, verzachtende omstandigheden en met de voorlopige maatregelen die eventueel werden opgelegd. De tuchtbeslissing moet bovendien de beweegredenen bevatten waarop zij steunt, in het bijzonder de motieven die de keuze en de maat van de sanctie hebben bepaald.
Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting werd door klager en zijn advocaat gevraagd rekening te houden met zijn problematiek (depressie, ADHD, autisme,…).
Volgens de directeur blijkt uit het gegeven dat er “slechts” een sanctie van 3 weken ATV werd opgelegd, waar er normaal voor de tuchtinbreuk een maximumsanctie van 4 weken ATV wordt uitgesproken, dat wél rekening werd gehouden met de toestand van klager. Dit blijkt echter niet uit de motivering van de tuchtbeslissing.
De klachtencommissie is dan ook van oordeel dat de tuchtbeslissing vernietigd moet worden. Gelet op de redenering van de directie dat de lengte van de tuchtsanctie met één week verminderd wordt wanneer de opgeworpen toestand van de gedetineerde in rekening zou worden gebracht, stelt de klachtencommissie haar uitspraak in de plaats en bepaalt zij dat de tuchtsanctie in plaats van “3 weken ATV”, “2 weken ATV” dient te bedragen.
De directie moet, bij de keuze van de aard en de omvang van de tuchtsanctie, rekening moet houden met de ernst van de inbreuk, met de omstandigheden waarin zij plaatsvond, verzachtende omstandigheden en met de voorlopige maatregelen die eventueel werden opgelegd. De tuchtbeslissing moet bovendien de beweegredenen bevatten waarop zij steunt, in het bijzonder de motieven die de keuze en de maat van de sanctie hebben bepaald.
Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting werd door klager en zijn advocaat gevraagd rekening te houden met zijn problematiek (depressie, ADHD, autisme,…).
Volgens de directeur blijkt uit het gegeven dat er “slechts” een sanctie van 3 weken ATV werd opgelegd, waar er normaal voor de tuchtinbreuk een maximumsanctie van 4 weken ATV wordt uitgesproken, dat wél rekening werd gehouden met de toestand van klager. Dit blijkt echter niet uit de motivering van de tuchtbeslissing.
De klachtencommissie is dan ook van oordeel dat de tuchtbeslissing vernietigd moet worden. Gelet op de redenering van de directie dat de lengte van de tuchtsanctie met één week verminderd wordt wanneer de opgeworpen toestand van de gedetineerde in rekening zou worden gebracht, stelt de klachtencommissie haar uitspraak in de plaats en bepaalt zij dat de tuchtsanctie in plaats van “3 weken ATV”, “2 weken ATV” dient te bedragen.